Portugal, september 2004

(klik op de camper voor details)


 


Alle (in totaal 1185 gemaakt, een deel on-line) foto's in dit album zijn gemaakt met de Sony Cybershot S75 digitale camera, uitgerust met een 128 Mbyte Memory Stick. Dagelijks hebben we de foto's overgezet op de laptop.

De foto's zijn 3 a 4 maal verkleind, en in verminderde kwaliteit (70% JPG) op de website gezet.

Sommige zijn verstuurd als ansichtkaart naar Nederland.


Vrijdag 3 september 2004

Camper ophalen, om 15:00 uur daar zijn. We wachten, want twee dames (stelletje) en een ander paar is voor ons. Meneer Vonk kan alleen maar langzaam vertellen (we weten alles wel van een camper, dus hier met die sleutel). Het dak kan niet open want er zat geen eindstop op. Er zit een sticker op de kraan dat hij niet opzij kan. Op het gasstel staat dat het raam open moet tijdens koken. Op het dashboard is geplakt "denk om alkoof". De wielblokken moeten we om vragen "want meestal vergeten mensen die en komen ze zonder weer terug". Als het regent, denk er aan: zonnescherm oprollen, anders gaat het stuk door de plas water! En haal de zwengel er uit, want als het gaat waaien, komen er krassen op de lak buiten. We maken er geintjes over: meneer Vonk heeft de wielen eraf gehaald, want de banden sleten te veel in het buitenland. Meneer Vonk vond dat de ruitenwissers niet nodig waren want we gingen toch naar warme landen. Meneer Vonk kan het rambam krijgen.

Thuis na wat overleg dan alleen nog inpakken en pas morgen vertrekken. Even een proefritje gemaakt, even de bruggen over en effe gassen in de bocht. Hij rijdt als een speer en zwabbert niet zo als dat ding van verleden jaar. Pas om 01:00 uur liggen we op bed. O ja, morgen bbq kopen in Breda bij de Gamma.

 

 

Zaterdag 4 september 2004

Gisteren de camper al opgehaald en ingepakt, zodat we vanochtend vroeg konden vertrekken (8:15 uur). Eerst nog even de 307CC bij de garage gebracht; tijdens onze vakantie krijgt hij een beurt bij de garage. Onze normale bbq vonden we te groot om mee te nemen, zodat we in Breda even van de snelweg afgingen om een kleintje te halen bij de Praxis (die bij ons was om 8:15 uur nog niet open). Het was gelukkig lekker rustig op de weg, dus behalve wat oponthoud bij Antwerpen (werkzaamheden aan de ring) en Parijs (zoals altijd) konden we goed doorrijden. De default "cruise control" is plankgas, dan gaat de camper namelijk ongeveer 130 en dat is toch de maximum snelheid op de autoroute in Frankrijk. Wel zo prettig, want zo kan Kees zijn voet gewoon op het gaspedaal laten rusten, dat is hij immers gewend van de 307.

Het reed tegen de avond zeer perfect door, zo moet het nou in Nederland. En als je per ongeluk links blijft rijden komen ze gewoon rechts langs. Geen probleem. Fransen zijn zo makkelijk. Lekker vaak gestopt voor wat koffie en een hapje en tanken natuurlijk 0,99 ct per liter gazole (diesel). Stefan belooft de bonnetjes bij te houden in Excel voor het verslag later in liters en euri's.

Onderweg nog wat rare figuren op de weg, zoals een middelbaar echtpaar (familie Saxo) dat ons elke keer berg op inhaalde, en dan berg af weer door ons werd ingehaald. De TomTom voorspelt dat we 21:30 in Lacanau zouden kunnen zijn, maar dat is een beetje te ver naar onze zin. Dus iets ten noorden van Bordeaux gaan we om een uur of 20:00 van de A10 af (afrit 36) en rijden op goed geluk richting de oever van de Gironde. In het eerste plaatsje (Gémozac) was de camping municipal gesloten, maar in Montage s/Gironde hadden we meer geluk. Helemaal uitgestorven, maar wel open en met uitzicht over de Gironde en een haventje beneden. Veel muggen dus we eten binnen.

Ingrediënten voor fajita's waren meegenomen uit Nederland, dus al snel stond Stefan die klaar te maken. Er staat geen zuchtje wind, dus om de camper een beetje af te laten koelen hebben we de airco maar een tijdje aan gezet met draaiende motor (let op, tank is bijna leeg!). Er is verder toch niemand op de camping. Alle nieuwe snoertjes werken goed: ik zit dit nu te typen terwijl de laptop op de 12V aansluiting in de camper is aangesloten via een verloopstekker (camperformaat 12V naar auto 12V) en een Conrad-trafo (12V naar 15V).

Stefan belt Renata (is 30 geworden). Kees heeft afgewassen en wil geen koffie maar bier. We kibbelen nog wat over de snoeren en de kaartgroottes (heel Europa past er niet in een keer op). Steef stoot per ongeluk tegen de hor, die vliegt omhoog en alle muggen die we zorgvuldig buiten hadden laten wachten konden eindelijk naar binnen. Mep mep mep. We schieten in de lach.

Nog effe heel Frankrijk op de TomTom geknald en morgen zien we weer meertjes en tankstations op de kaart. Zo'n Major Roads of Europe is toch wel wat saai.

1012 km
45°28.720'N-0°47.436'W

 

Zondag 5 september 2004

Eerst maar tanken, want het koelen gisteren kostte toch weer wat diesel. Er was een pomp in het dorpje verderop. De tankvrouw gooide de camper vol. We reden door naar Royan waar we bij de haven stonden. We liepen een rondje en kochten stokbrood en wat lekkers bij de patisserie.

We zochten de "bac" (pontveer) en vonden die na een bochtje of wat. Voor 41 EUR konden we de Gironde oversteken. Er was een aardige meneer en een vrouw die op een man leek aan boord. We reden verder en stopten nog ergens om een geitenkaasje te kopen en te lunchen, voor het huis van een Duitse vrouw die keurig zei dat onze Leuchte noch brennten.

Nog een lang stuk naar Lacanau. Kees ziet een ouder echtpaar links stilstaan met een lekke pijp. Effe stoppen. Kees helpt de man met krikken en pompen en ontvangt een fles rode wijn cadeau.

We kwamen uiteindelijk bij de camping aan, groot en netjes. We gingen eigenlijk meteen het strand op vanuit de camping. Stefan ging de golven in, Kees nam wat foto's (niet zover de zee in als verleden keer, dat kostte een camera). 's Avonds in het dorp gegeten (dorade en paella) en nog wat gedronken. Teruggefietst, nog een wijntje en een biertje en slapen. Geen muggen aan zee!

1°11'35"W-45°0'43"N
1157 km

 

Maandag 6 september 2004

Uitgeslapen. Twee mokken koffie en douchen. Om 11:30 waren we de camping af en gingen even shoppen bij de Spar. Dan een heel lange weg af die eindigde bij de snelweg. Lekker weer 130 karren. Nog even gestopt voor een broodje. Weer verder naar Hossegor waar we als camper niet welkom waren. Dan maar doorgereden naar het zuidelijker gelegen Capbreton en daar mochten blijkbaar (ondanks verbodsbord) wel campers staan aan zee. Kees nam een biertje en Stefan ging de golven weer in. Na het bier moest Kees het verslag bijwerken en even de foto's afstorten.

De voeding van de camera wordt heet! Dan maar effe af en toe er uit trekken. Thuis maar een koelplaatje maken, blijkbaar trek de camera behoorlijk wat stroom (13->8.4 V dus de voeding vreet er 5,5 V af, dat zal dan wel heet worden)… De laptop werkt nog prima op de Conrad-voeding.

Stefan zal zo wel bekaf terugkomen en dan zien we wel weer waar we heen gaan. We rijden nog wat rond en gaan de snelweg op om het restaurant te zoeken. Het ligt aan een doodlopende weg in het gehucht Biriatou. Restaurant Bakea hadden we uit de Michelingids (1 ster). Grappig die Baskische borden, best wel onleesbaar. Overigens is de cameralader weer koel, is vanzelf afgeslagen doordat hij te heet werd. Na uit- en inpluggen deed hij het weer. Nu wordt hij niet meer zo heet.

Het restaurant is gevonden en via een steile bocht komen we terug op de weg. We rijden even naar het kasteel Urtubic, een landhuis. Stefan heeft nog prut in zijn oor van het zwemmen en gaat effe op één oor liggen. Knor, die slaapt.

Omdat er geen camping was op loop- of fietsafstand van het restaurant, gingen we maar weer eens over op 'camping sauvage'. Biriatou heeft maar twee straten, dus dat komt mooi uit. De andere straat (dus niet die waar het restaurant aan ligt) gaat een helling af en loopt langs het riviertje. Daar vinden we een mooie plek voor de camper langs het riviertje en bij een soort pique-nique veld. We lopen van daar naar het restaurant, kwartiertje. Het restaurant is goed en helemaal niet protserig. Geen poeha, zowel qua eten als bediening. Maar wel lekker en goed. Kees heeft koude zalm en een soort paté van snoekbaars (mousse heet dat, Steef), Stefan soep van courgette en geitenkaas en gegrilde rouget. Daarna allebei eend gevuld met ganzenlever. Tenslotte heeft Kees nog kaas en Stefan 'tranen' van donkere en lichte chocolade met sinaasappelsaus en grand marnier. Voldaan lopen we terug naar de camper.

1415 km
43°19.93N-1°44.39W

 

Dinsdag 7 september 2004

's Nachts wakker geworden van 'zachtjes tikt de regen tegen het camperraam', dus de bovenluikjes op een kier gezet tegen het inregenen. 's Ochtends de eerste keer gedoucht in de camper deze vakantie. De constructie van het douchegordijn ten opzichte van de slang klopt niet helemaal, meer verder werkt het prima in de zin dat je er weer schoon en fris van wordt. Het riviertje waarlangs we staan blijkt de grens met Spanje te zijn. We hebben de kaart van Spanje en Portugal alvast in de TomTom gezet, dus die raakt een beetje in de war omdat we net niet op de kaart rijden. Nog even een baguette en een gateau basque gehaald in het grensplaatsje Béhobie. Gateau basque is de lokale specialiteit: relatief luchtig zandgebak gevuld met bakkersroom, of in de luxere versie die wij hadden gekocht: kersen. Lekker!

Na een klein stukje tolweg zijn we al in San Sebastian, of Donostia zoals de Basken het noemen. Deze stad is beroemd vanwege de schitterende baai in de vorm van een schelp. De TomTom leidt ons keurig naar de boulevard langs het strand. Weinig parkeergelegenheid hier, maar we zien een bordje camping en volgen de bordjes tot een paar kilometer ten westen van de stad er inderdaad een camping is in het plaatsje Igelda (hiervoor met je de berg die je vanuit de baai ziet over). Er gaat elk half uur een stadsbus terug naar het centrum, dus we nemen een plaatsje voor de nacht, lunchen en nemen de bus naar de stad. Er zit een levend standbeeld in de bus die van plan is in de stad zijn brood te verdienen.

Als we in de stad aankomen is het nog steeds bewolkt, maar langzaam begint het open te trekken. Ten oosten van de concha is een heuvel met bovenop een oud fort en een christusbeeld. We lopen over de boulevard langs het strand naar deze heuvel, en klauteren over de vele paadjes en trappen naar boven. Het grappige is dat het steeds lijkt alsof we boven zijn, maar telkens kunnen we toch weer verder (gelukkig maar, zegt Kees, anders had ik het nooit gedaan).

Op deze manier halen we uiteindelijk toch de top, ondanks de zon die intussen flink is gaan schijnen. Er staat gelukkig een lekker windje. Het uitzicht bovenop is schitterend. We dalen aan de andere kant af, zodat we bij de tweede baai en de monding van een rivier terecht komen. We slenteren door de vele straatjes en drinken wat op een terrasje. Kees heeft honger dus we gaan alvast aan de tapas. Alle bars hebben hier hun tapas gewoon in borden op de bar staan, zodat je kunt zien hoe lekker het allemaal is en het is, ook gemakkelijk met bestellen. Na het eten krijgen we steeds meer behoefte aan een siësta. Terug naar de camper is geen aanlokkelijke optie. De kade van de rivier is wat hard (toch op de betonnen rand geslapen), maar op het strand gaat het stukken beter. Weer een beetje uitgerust gaan we op een bankje op de boulevard zitten kijken hoe de lokale bevolking voorbij flaneert. Vooral de oudere generatie is helemaal opgedoft, terwijl het toch gewoon dinsdag is.

Overal zijn straatmuzikanten; de een speelt en zingt duidelijk beter dan de ander. Een man met een accordeon die "perhaps, (een man met een accordeon die "perhaps, perhaps, perhaps…" van de Britse serie Coupling speelt, zeer virtuoos. Twee jongens, accordeon en gitaar, lijken wel vriendjes, doen het goed. Twee oude mannen die maar een deuntje kennen. Een man met een gitaar op de boulevard die erbij zingt, redelijk goed. Een jongen met een gitaar en panfluit die duidelijk nooit meer mag zingen.We lopen naar de 'plaça major' en gaan op een terrasje zitten.

We zijn nog niet gewend aan het Spaanse ritme om pas na 22:00 te gaan eten, en besluiten daarom om nog wat meer tapas te bestellen en het daarbij te laten. Zo kunnen we ook nog de laatste bus terug nemen (22:05). Het standbeeld zit ook weer in de bus, alsmede een paar Duitse rugzakkers. De bus komt iets te laat, maar de chauffeur probeert dat goed te maken door met 100 km/h de berg op te scheuren. We zijn dus snel weer terug bij de camping, waar Stefan nog even uitzoekt waar we morgen heen zullen gaan.

1447 km
43°18.28N-2°2.68W

 

Woensdag 8 september 2004

Eerst maar een medico zoeken voor Stefan's oor. Twee stoplichten verder zit iets dat lijkt op een poli. Hm, is dat de camping af en dan links, of rechts. Bleek rechts, terug naar de stad. Snel gevonden en Stefan kreeg een recept op een Post-it blaadje voor oordruppels. De dokter sprak geen Engels en nauwelijks Frans, maar een hoop gebaren en een woordenboek doen wonderen. Om de hoek zat een apotheek.

Op weg naar het Guggenheim museum, dat schijnt een futuristisch gebouw in Bilbao te zijn waar moderne kust is gehuisvest. De TomTom neemt ons in de maling door ons na de Peaje te laten keren, dat wordt dus twee keer dokken. Bleek later dat het museum gewoon niet per auto bereikbaar is en de TomTom in de stad slechte dekking heeft door de plaatsing van de ontvanger achter de voorruit (onder de alkoof). We kwamen wel dicht genoeg in de buurt om het gebouw te zien, maar hadden na al dat gedoe geen zin meer om ook nog een parkeerplaats te zoeken. Dahaag, museum.

Door richting Santander over de snelweg. Even verderop de afslag naar Picos de Europa, een natuurgebied met bergtoppen. We volgen een leuke slingerweg langs riviertjes en berghellingen (gorges zoals in Frankrijk). Er is zelfs een Zalmpad, waar je langs het riviertje kunt lopen om te vissen, en nachthokjes waar je beschut zit en kunt stoken.

Onderweg naar het uitzichtspunt, voorbij Potes, vonden we een camping. Bijna leeg, wel muggen en vliegen. Er staat een Nederlands stel, een Spanjaard en een stel Belgen. De uitbater heeft een cafeetje als kantoor op het erf. Zijn vrouw staart voor zich uit, schudt af en toe haar hoofd en gaat weer haken in het halfdonker. In de verte hoor je een tweetonige geitenbel (Stefan hoopt dat de geit ook gaat slapen vannacht).

Vanavond wordt het pasta. Onderweg hebben we een tomaat en een paprika gekocht, groot genoeg voor door het eten. Oooh verrassing, er zat nog een lekkende thermoskan en een "leeg" colablikje in het krat.

1779 km
43°05.7N-4°38.58W

 

Donderdag 9 september 2004

Lekker laat opgestaan : Stefan zet lekker koffie en om 10:30 rijden we. Het is niet zo ver meer naar de mirador (uitzichtspunt). Op 1600 meter is het uitzicht inderdaad erg mooi. De pieken om ons heen zijn boven de 2000 meter. Er staat ook nog een bronzen beeld van een hert. Het is nog fris, maar in de zon is het lekker warm. We rijden verder en hebben alweer trek in lunch als we in een dorpje komen. Er is geen bakker, maar wel een "bar" en daar nemen we elk een boccadillo queso y jamón met een koffie respectievelijk sapje. De broodjes kunnen we nauwelijks op, en toch kost het totaal maar 8 euro! De mooie bergroute eindigt bij Riaño met een stuwmeer dat redelijk laag staat. We bekijken de stuwdam even en rijden verder in de richting van de snelweg naar Portugal. Het uitzicht wordt nu een stuk minder interessant.

Effe gestopt om de tomaat (600 gram) tot salade te vermaken. Balsamico, olijfolie, zout en peper (uit mijn hoofd) , en… mmm smikkelen. We rijden nu echt door gebieden waarvan je zegt: wonen hier mensen? Wat een vreselijke plaatsen!

Als we doorrijden zie je de gekste wegen. Werkelijk alles is lelijk en wat er mooi is (weg of brug) is door de EU gesponsord (zie borden). Even zijn we de weg kwijt (de TomTom snapt rotondes niet waar je rechtdoor kunt) maar dan zien we de snelweg. Soms denkt het machientje dat je over een viaduct 15 meter boven je kunt keren. We pakken een onderbroken stuk ketting in de middenberm om te keren. Veel getoeter.

We gaan van de snelweg af bij Puebla de Sanabria en stoppen daar om wat te drinken (de camper staat redelijk gevaarlijk geparkeerd maar niemand zegt er wat van, handig). Lekker effe geen stuurstress. Die bochies hier gaan toch wel vervelend worden. Een biertje en echt versgeperste jus op een terrasje voor 3,30 euro, kom daar in Nederland maar eens om! Er fietsen nog een paar verdwaalde toeristen als maar heen en weer; we hebben ze wel vijf keer langs zien komen. GPS vergeten denken we. Gelukkig hadden ze een helm op.

We keizen de bergweg door het Parque Natural de Montesinho langs de Rio Sabor. Slinger de slanger. Wel leuk, maar het schiet niet op. Eenmaal in Portugal zie je in een dorpje (França) van 100 man een stel oudjes peultjes schillen, een oude man een koe voortdrijven en een gezin een mestkar duwen… bijna middeleeuws. Iedereen kijkt ons aan. We zijn groene mannetjes van Mars die de aarde komen veroveren. Bliep.

Even doorrijden en we zien een bordje "camping". Het is de camping die Stefan al in de Lonely Planet had gezien. We checken in en rijden het riviertje over en meteen rechts. Lekkere plek bij het water/strandje. Kees steekt de (nieuwe) barbecue aan. Stefan pakt zijn telefoon en zegt: heee Sjoerd is geboren (zoon van Paul, een broer van Kees)! Zie je wel, een jongen, zei Kees. We bellen het thuisfront nog even om te feliciteren en Jaap z'n cursus door te nemen (na 10 minuten werden we eraf gegooid, wel zo goedkoop).

Kees gooit het vlees veel te snel achter elkaar op het vuur en begint de queso aan te vallen. Mmmm lekker. Had van Stefan minden snel gehoeven maar ja, thuis knagen we ook als woestijnratten aan het vlees. Ook nog paprika's geroosterd en het brood opgepiept. Lekkere rosé erbij (Rioja), wat wil een mens nog meer?

2097 km
41°50.64N-6°44.75W

 

Vrijdag 10 september 2004

Geen haast vandaag, even een dagje rustig aan. Het is ook nog een uur vroeger hier, dus als we om 9:30 plaatselijke tijd uit bed komen, hebben we toch al flink uitgeslapen. Op de camping verkopen ze broodjes (schandalig duur, 4 broodjes voor 60 eurocent!), lekker voor de brunch. We gaan vandaag kijken in Bragança, een stadje met historische betekenis voor Portugal omdat het eeuwenlang (sinds de 12de eeuw) het meest noordoostelijke punt van Portugal heeft aangegeven. De TomTom hebben we niet echt nodig, want als we doorrijden op de weg waarmee we gisteren bij de camping kwamen, komen we vanzelf in Bragança.

We zetten de camper op een parkeerplaats bij het kerkhof (groot en opvallend netjes onderhouden) en lopen in de richting van de citadel die we verderop zien liggen. De stad is boven op een heuvel gebouwd, en elke straat gaat omhoog of omlaag. We proberen een slimme route te kiezen, maar dat lukt niet echt en is waarschijnlijk ook niet mogelijk. Het is behoorlijk uitgestorven hier; veel winkels zijn dicht wegens vakantie en wat staan er hier een hoop krotten! We lopen langs een bakker annex patisserie (pasteleria) waarvan het Segafredo uithangbord opvalt (daarna zagen we nog een Smart rijden met Illy reclame, dus blijkbaar kunnen de Portugezen een goede espresso waarderen). Kees heeft na minder geslaagde koffie in Spanje wel weer zin in een echte espresso, dus we gaan naar binnen en nemen een koffie respectievelijk een sapje met een kaneel/honing (mel e canela) muffin erbij. Hiervoor wordt het bedrag van 2,55 euro in rekening gebracht! Nee niet voor één muffin, maar voor alles bij elkaar.

We lopen nog wat verder en merken dat er ook een 'modern' centrum is, waar het wat minder uitgestorven is. Op naar de citadel. Dit is het oude ommuurde gedeelte van de stad, dat bijzonder goed bewaard is gebleven. Het ziet er allemaal erg authentiek uit, behoudens enkele recente aanbouwsels van golfplaat en goedkope stenen. We kijken wat rond en besluiten ook het militaire museum te bezoeken. Niet vanwege de te verwachten collectie harnassen, geweren en zwaarden, maar wel omdat we zo op de toren kunnen klimmen met prachtig uitzicht. Het museum gaat speciaal voor ons open (spoedig volgen er nog meer bezoekers), maar de 'senhor director' wil ons geen kaartje verkopen. Daar is immers iemand anders voor aangesteld! Gelukkig arriveert die enkele minuten later, en kunnen we naar binnen.

Het uitzicht doet denken aan Toscane, al staan hier geen cipressen. Buiten staat een stenen beeld van een varken. We maken foto's van de omgeving (in de verte staat de camper ergens achter het kerkhof). Deze schijnen hier overal te staan en al zo'n 2000 jaar, maar niemand weet meer zeker wat nu precies het idee hierachter was. We lopen weer terug naar de camper. Onderweg nog even langs een supermarktje (zonder verse groente en vlees) waar we brood en wijn kopen en een slager, die geduldig afwacht totdat ik heb bedacht welke van de hompen vlees die er liggen ik wil hebben.

Er is ook nog een audiowinkel met een piano, goedkope Roland, Yamaha en Casio keyboards en CD's. Toevallig zien we de laatste CD die Ray Charles heeft opgenomen voor zijn dood, met duetten met allerlei beroemdheden waaronder Elton John. Dus die kopen we maar om te luisteren in de camper. We rijden naar een andere camping in het parque natural, deze ten westen van de stad bij Gondesende. De bife van de slager is erg lekker op de bbq. We maken ook stokbrood met geraspte oude Gouda(DeKa)kaas warm onder (met deksel dus) de bbq.

Kees leest nog even de documentatie van een Kalmanfilter (op de laptop). Dat is geen water- of olie filter, maar een wiskundig filter (Stefan kent het nog uit zijn econometrietijd) om meerdere signalen (met meetfoutjes) te combineren tot één signaal (bv snelheid en positie naar positie). Kees wil het gebruiken voor zijn robot. Er is nog een dictaat van Philips (AN715) hierover met een stukje programmacode erbij. Dat wordt smullen. Wat is vakantie toch heerlijk!

2118 km
41°50.68N-6°51.59W

 

Zaterdag 11 september 2004

's Ochtends bleek dat er de vorige avond nog een hele kudde Portugezen bij was gekomen: 8 auto's en nog meer tentjes. Resultaat: file voor de douche! Maar gelukkig moesten ze al vroeg weer weg, dus even later konden we toch douchen.

Vandaag op weg naar Chaves, een stadje met een Romeinse geschiedenis. Na vele kronkels komen we in Chaves terecht, ondanks de TomTom die ons bijna de verkeerde kant op stuurde, omdat de straten binnen Chaves er bijna allemaal niet in stonden. We lopen een rondje door de stad en bekijken de Romeinse brug van 1900 jaar oud, wat restanten van de stadsmuur en het oude centrum. Oud is hier niet alleen oud maar ook slecht onderhouden. Chaves valt een beetje tegen en het is bewolkt, dus we besluiten door te rijden naar Braga.

Weer verder over de kronkelweg, met onderweg wel mooi uitzicht zoals stuwmeren en bergtoppen. We komen door een bos dat recent is afgebrand, en even verderop wordt er hars afgetapt van de dennenbomen (door een wond in de bast te maken en het sap op te vangen in een plastic zak). Het doel is onduidelijk. Brandstof? Medicijn? Grondstof voor verf?

In Braga aangekomen rijden we wat rond en vinden een mooie parkeerplaats voor de camper. In het centrum van Braga is het toeristisch maar wel gezellig. We drinken wat op een terrasje waar wat aardige meneren zitten, en lopen rond in het voetgangersgebied. Er is een Peugeotshow met een 307CC bij de Mac in de buurt. We hebben trek, maar helaas geen tapas in Portugal. Dus op zoek naar een restaurant. We zien veel winkels maar weinig restaurants. We zoeken waarschijnlijk in de verkeerde buurt. Uiteindelijk komen we bij een buurtrestaurant André terecht, waar Portugese gezinnen met kinderen en (lelijke, dikke) alleenstaande mannen eten. Er staan twee televisies aan, een met sport en een met een quiz. Zo komen beide sexen aan hun trekken (wij zijn duidelijk de derde).

Het eten is rechttoe-rechtaan en Portugees goedkoop. Ondanks dat alles dat op tafel komt apart betaald moet worden, telt de rekening slechts 17,50. Kees had gegrilde zalm en Stefan arroz de mariscos (rijst met zeevruchten). Het is toch wel wennen om ergens te zijn waar je de taal niet spreekt. Niet dat we zo goed Italiaans en Spaans spreken, maar toch net genoeg om je goed te redden in een restaurant. Hier zijn ze niet echt gewend aan toeristen, maar wel vriendelijk dus met gebarentaal komen we een heel eind.

De camper hadden we snel weer teruggevonden, en met behulp van de TomTom en aanwijzingen uit de Lonely Planet vinden we snel de enige camping van Braga. Daar is het dan nog wel even zoeken naar een plaatsje. Uiteindelijk komen we naast een Nederlands stel uit Zuid-Holland terecht, met de belofte dat we morgenochtend als dat nodig is de camper aan de kant zetten als zij zo niet weg kunnen komen. Volgens Kees kunnen ze gemakkelijk draaien maar de man is "zeker".

2336 km
41°32.34N-8°25.30W

 

Zondag 12 september 2004

Om 8:00 uur worden we gewekt door het stel naast ons. We rijden een stukje naar voren zodat ze kunnen vertrekken. Omdat wij dan toch al wakker zijn, besluiten we dan ook maar vroeg te vertrekken. We gaan even kijken bij Bom Jesus, een kerk nabij Braga die bekend is vanwege de trappen. Omdat het zo vroeg is, hangt er nog ochtendmist die aan het geheel een aparte sfeer geeft. Er is een treintje dat werkt op water: bovenaan wordt het gevuld met water, zodat het door de zwaartekracht naar beneden gaat en het andere treintje omhoog trekt.

Via alweer een hoop kronkels rijden we naar Amarante, ten oosten van Porto [Portoe] aan een zijrivier van de Douro (Rio Tâmega). Onderweg doen we boodschappen bij een Intermarché (eerste 'fatsoenlijke' supermarkt in Portugal die we tegenkomen). Bij de afdeling wijn valt het op dat de Portugezen eigenlijk alleen maar 'bulk' wijn maken, die vaak voor minder dan 1 euro (!) per fles wordt verkocht. De aanduidingen op het etiket zijn ook nog eens vaag (er staat niet eens droog of zoet bij), dus het is gokken. Bij de kaas is het ook nog grappig, want onze pogingen om oude Portugese kaas te kopen lukken niet (Stefan loopt krom met een denkbeeldige stok als een oud vrouwtje, het personeel schiet in de lach en de rij achter ons groeit). Uiteindelijk krijgen we schapenkaas (ovelho) in plaats van oude (velho).

Even later gaan we picknicken langs de weg. Naast ons arriveert een Portugese zigeunerachtige familie. Hun tienjarige zoontje speelt verdienstelijk accordeon, zijn vader kijkt trots om zich heen. We maken een foto en hij krijgt van ons een muntje (dat hij niet aanpakt; hij speelt door!). Hij "zingt" er ook bij. Als we wegrijden horen we hem iets met "bedankt, meneer" zingen (obrigado, senhor).

Even later zijn we in Amarante en rijden we naar de camping aan de rivier. We zetten de camper helemaal aan het eind van de camping, bij de rivier. De jongeman die ons de plaats wijst en de stroom aansluit spreekt verbazend goed Engels. 's Avonds lopen we naar het centrum; eerst bergop en daarna weer bergaf. Onderweg komen we een hoop Portugese families tegen die aan het picknicken zijn. Amarante is tegen de hellingen op gebouwd langs de rivier. Het centrum bevindt zich aan weerszijden van de oude brug over de rivier.

We drinken wat op een terrasje en gaan daarna op zoek naar een restaurant. Aan de ene kant van de rivier zijn er alleen winkels, maar aan de andere kant een aantal restaurants naast elkaar, allemaal met een balkon/terras boven de rivier. Op goed geluk gaan we ergens zitten. Voor 15 euro de man krijgen we een salade (Stefan met een losse plak hotelkaas erop), hoofdgerecht (Kees kip en Stefan forel), toetje en wijn. Daarna lopen we terug naar de camping en gaan vroeg slapen.

2419 km
41°16.76N-8°04.20W

 

Maandag 13 september 2004

We hadden blijkbaar wat slaap in te halen, want ondanks dat we vroeg gingen slapen, komen we pas laat uit bed. We besluiten om niet hier te blijven, maar in plaats daarvan ten noorden van Porto aan de kust op een camping te gaan zitten, en dan van daar uit naar Porto te gaan. Nadat we eerst nog even wat eten en alles opruimen, is het al bijna 13:00. We rijden met de camper naar de receptie om uit te checken. De beheerder van de camping gaat per brommer de stroom loskoppelen (zo ver is het inderdaad), maar is niet zo behulpzaam om de stroomkabel mee terug te nemen; hij wees alleen achterom bij het voorbijrijden. Die gaat Kees dus maar halen. Daar ziet hij dat die man zijn sleutels heeft vergeten, maar die laat hij natuurlijk lekker hangen, om niet te zeggen dat het veel moeite kostte om ze niet in de rivier te smijten.

Daarna onderweg naar Vila do Conde. De snelweg begint bij Amarante, dus we zijn er zo. De zee is hier lekker wild en slaat met spektakel tegen de rotsen. We kijken wat rond en kopen wat vlees voor de bbq. Daarna gaan we op zoek naar de camping. Ondanks bordjes kost dat nog even wat moeite, maar uiteindelijk vinden we toch de camping even ten zuiden van Vila do Conde. Nadat we zijn gesetteld lopen we nog even naar het strand, waar we liggend genieten van de avondzon.

Er is hier bijna niemand, alleen een oud mannetje dat zeewier verzamelt (met vrouw en puberzoon die het meisje dat mee is veel leuker vond). Waarschijnlijk gebruikt hij dat als kunstmest. Als de zon achter een wolk verdwijnt, wordt het snel koud, dus lopen we terug naar de camping. Daar gaan we bbq-en, en eten we beter dan in de restaurants van de afgelopen dagen! We hebben twee spiesen kalkoen/spek/paprika, brood om af te bakken (ging goed met deksel op de bbq), gegrilde rode paprika en karbonaadjes met citroen en salie. Twee spiesen blijven in de koelkast want we zitten vol. We hebben witte wijn erbij.

Opzoekwoord: Stefan zegt: het is spietsen in plaats van spiesen (als werkwoord). Morgen ontkent hij alles, dat is het effect van de Amaretto, witte wijn en chocola met cakejes. 's Nachts ging het regenen en waaien en kon Kees er uit om de voorluifel in te rollen (denk aan meneer Vonk, Kees, ga nou maar).

2525 km
41°17.94N-8°43.95W

 

 

Dinsdag 14 september 2004

Vandaag vroeg op! We namen om 09:15 de taxi naar Porto voor EUR 20. Zo konden we de camper mooi veilig op de camping laten. We hadden geïnformeerd naar de mogelijkheden. Het kon ook voor 10 euro met bus en metro, maar toen we hoorden dat de taxi maar 20 euro was, was de keuze snel gemaakt. De chauffeur had erg mooi haar, jammer dat zijn scheiding in zijn nek zat. Hij brabbelde aardig Engels en zette ons af bij de Torre dos Clerigos, een toren die je kon beklimmen. Flink wat treden voor 1,50 de man. We konden de stad goed overzien, je zag aan de overkant van de Douro al de portfabrieken met de namen op het dak zien liggen.

Honger, dus een pastelaria met terrasje zoeken. Die waren er niet echt, dus maar ergens naar binnen gegaan om wat te bikken. Koffie 0,50. Later zagen we natuurlijk wel terrasjes en daar hebben we geluncht. We keken rond en zagen naast veel pastelarias vooral veel schoenenwinkels. Veel gebouwen hebben mooie tegels (azulejos).

Na de lunch verder afdalen naar de haven. We zien op het pleintje aldaar steeds dezelfde jongens en jongemannen rondhangen zonder echt doel. Ze dragen wel allemaal nette, relatief dure kleding en zien er goed uit. Wat ze precies doen is onduidelijk, wel hebben ze er een wiet-handeltje bij, lijkt het.

We gaan naar de overkant (via een leuke omweg door een achterbuurtje) via de brug die in de steigers staat voor onderhoud. Het is nu mooier weer geworden, lekker warm. Aan deze kant zitten alle porthuizen zoals Graham's en Sandeman. Een rondleiding in zo'n porthuis lijkt ons te veel een tourist trap, in plaats daarvan besluiten we later op de middag exclusieve port te gaan proeven bij een winkel die we al eerder waren tegengekomen aan de Porto-kant. Vanaf deze kant een erg mooi uitzicht op Porto. De rivier de Douro loopt hier zo dicht bij de kust nog door een kloof, en de stad is daar tegenaan/op gebouwd.

Er is een treinvormig restaurant op de kade, ziet er goed uit. Helemaal van roestvrijstaal en glas, het lijkt wel prefab. We lopen door naar de kade en worden aangesproken door een meisje dat vraagt of we zin hebben in een boottocht. Is okee, over 20 minuten zijn we onderweg. Het is een leuke tocht, er trouwens zijn maar weinig passagiers. We zijn totaal zo'n anderhalf uur op de rivier en zijn ook even net niet op zee geweest. De camera maakt overuren. Eenmaal op de kade komen we weer langs het restaurant. We bespreken nu voor vanavond.

Aan de echte kant van Porto teruggekomen gaan we de winkelstraat op en neer (omhoog en weer omlaag naar de haven). We eten en drinken nog wat en gaan op schoenenjacht. Een rare kleine dikke vent spreekt ons aan met een blaverhaal dat we toch echt Portugese schoenen moeten proberen, terwijl hij geen verkoper is. We kappen het af en gaan de schoenenzaak in (waar ze vertellen dat het een dief is (cuidado zeggen ze, oppassen volgens ons); hij had het op een portemonnee of camera gemunt). Stefan ziet een leren paar, 35 EUR. Dan nog een wat hipper sportief paar van leer en rubberzolen, 32 EUR. Samen 65 EUR, maar met credit card betalen gaat niet. Geen nood, tien meter verder is een bank met pinautomaat. Dan lopen we wat door en zien in een andere winkel een soepel stel schoenen met zachte zolen in een duidelijk dure zaak, 75 EUR. Bij elkaar ben je thuis minimaal het dubbele kwijt. De kwaliteit lijkt goed maar dat weten we thuis pas.

Op naar de Franse portproeverij die we 's middags zagen. We hebben er duidelijk geen verstand van, want de vintage flessen kun je niet proeven (die moeten namelijk binnen een dag leeggedronken worden, anders oxideren ze). Wat we weten komt uit de gids. Stefan denkt dat hij vintage port (die maar kort in een vat gezeten heeft) lekkerder vindt dan port die lang op een vat heeft gerijpt. De man knikt begrijpend, pakt een fles achter zich en schenkt Stefan een bodempje in. Lekker? Hmmm, ja! Dat was dus 20 jaar in het vat gerijpt. Aha. We zullen niet te weten komen of 'vintage' nog lekkerder is, want die proeven we niet. We doen de oude toer, 30 EUR voor 6 glaasjes, 1989, 1988, 1985, 1984, 1970 en 1958 (want 1957 was er niet meer). Allemaal port die eerst heel lang (20 jaar) op vat heeft gerijpt. Alles is wel lekker, maar Stefan vindt 1970 en 1985 het lekkerst. Aha, dat waren ook de "beste". We nemen een fles van beide. De Ieren naast ons zijn net getrouwd (in Portugal, met 77 vrienden en familieleden), we maken een praatje.

We lopen nog wat en gaan naar het restaurant. Het is leeg, en het blijft de hele avond leeg, want Porto speelt tegen Rusland. Het eten is uitstekend, Stefan heeft tonijn met bonen vooraf en een grillmix van vis. Kees heeft konijn in zuur en olie (en knoflook) en daarna twee grote medaillons kalfsbiefstuk met spek eromheen. En gebakken rijst (arroz) erbij, erg lekker. Vruchten en chocomousse toe. Hèhè, toch nog lekker gebuikt. We gaan weer terug naar de stad.

In de stad wachten we op de taxi op de Praça do Republica. Daar zit een alleenstaande nicht met sjaal en peukje te bieren en zet af en toe zijn bril (uit zijn tas) op om het plein af te kijken en doet de bril dan weer snel terug. We lopen dan weer naar de kerk waar de taxi ons weer ophaalt. Dezelfde man met het fraaie haar (bijna type "dood beest") (we hadden zijn mobiele nummer) haalt ons op en na een redelijk veilige dollemansrit komen we op de camping aan. We kunnen er zonder pasje in en gaan lekker slapen.
2525 km
41°17.94N-8°43.95W

 

Woensdag 15 september 2004

We gaan in mooi weer redelijk op tijd uit bed, op naar het strand. Dat is om de hoek. We rijden naar de kade en nemen de tafel mee voor wat schaduw. Het is lekker weer maar de wind is hard noord en koud. Na een uurtje gaan we verder richting Coimbra. Eerst de rammelweggetjes af tot de snelweg. We eten nog wat op langs de snelweg bij de Shell.

In Coimbra is er geen parkeerplaats te vinden. We raadplegen de Eenzame Planeet en die zegt dat we op de Avenida de Conimbriga kunnen parkeren. We rijden erheen en inderdaad, mooie plek. Over de brug naar de stad. We lopen het winkelgedeelte rond en drinken wat op een terrasje. De ober lijkt een korte-termijngeheugenstoornis te hebben. Werkelijk als een kip zonder kop loopt hij rond. Een Tsjechische (?) groep naast ons wilde al eten bestellen toen wij gingen zitten, en toen wij 20 minuten later weggingen hadden ze eindelijk besteld. Telkens weer gebaarde hij dat ze even moesten wachten, en ging weer iets anders doen zoals onze drankjes halen. Voordat ze mochten bestellen, moest sowieso de tafel gedekt worden. Hij zette dan de asbak weg en vergat hem terug te zetten na het dekken. Dan wilde hij de bestelling opnemen en ging snel binnen een ijsje verkopen.

Daarna naar boven waar de universiteitsgebouwen liggen, zowel oud als nieuw. Er is een traditionele inschrijving gaande; veel studenten zijn netjes in driedelig gekleed (het is heet) en staan in een lange rij met papieren in hun hand. Boven hebben we uitzicht over de stad. Hier geeft de camera de geest. Hij wil niet meer aan. Vergeten op te laden?

We dalen weer af en eten nog wat in een pastelaria, want we hebben nog wel avondeten maar niet zoveel (de kalkoenspiesen). We zoeken de auto op en rijden naar de camping. Eenmaal een paar kilometer en een omleiding verder zien we geen bord meer en nemen we de weg naar de camping die Marcel Manshanden genoemd had, in het plaatsje Serpins. Dat is 10 km verder. De TomTom heeft ons een beetje gefopt (soms kiest hij een bestemming/weg in een ander dorp dan opgegeven, had Kees ook in Terhorne) want we zien dat we wel een stukje anders moeten. Niet veel omrijden, maar wel door wat kleine dorpjes. De camping hebben we nu via borden gevonden en hij lijkt dicht. Stefan ziet toch een tent en gaat vragen. Hij is wel open en er komt iemand aan. We passen net door het hek en kiezen een plekje langs het water.

We maken van tomaat en paprika wat te eten, steken de bbq aan en bakken het brood af onder het deksel. De spies gaat er op en de wijn gaat open. Hèhè, lekker. Het wordt fris. De camera wil ook niet opladen in het toiletgebouw aan de 220. Hm. Later toch maar weer aan de 12V gehangen en na een half uur deed hij het weer. Tip: niet helemaal ontladen dus.

Huh, het is pas 21:00 uur? Nou ja, dan nog maar een Amaretto en een biertje en nog wat verslag tikken en lezen.

40°09.50N-8°11.89W
2707 km

 

 

Donderdag 16 september 2004

Omdat we vroeg naar bed waren gegaan, kwamen we er natuurlijk pas laat uit. Na de gebruikelijke ochtendrituelen gaan we op weg richting Conimbriga, de ruïnes van de originele Romeinse versie van Coimbra, 15 km ten zuidwesten van het huidige Coimbra bij het stadje Condeixa. Het wordt een avontuurlijke rit, omdat de meest voor de hand liggende route is geblokkeerd wegens (alweer) wegwerkzaamheden. De TomTom bewijst deze keer goede diensten; we worden zelfs geleid over een weg die nauwelijks als verhard kan worden aangeduid. Onderweg doen we nog boodschappen in een klein plaatsje. Wel goed op de houdbaarheidsdatum letten hier: er stond nog yoghurt in de koeling ten minste houdbaar tot 23 augustus. 2004, dat wel.

Een half uur later dan verwacht komen we dan toch bij Conimbriga aan. Er is ruime parkeergelegenheid met schaduw, dus we zetten de camper neer en eten eerst wat. De ruines zijn indrukwekkend; niet eerder zagen we mozaïeken buiten Rome. (En zelfs daar waren er veel geroofd). Het is bloedheet en we nemen de korte route. Erg leuk dat je een dorpje zo terug kunt vinden in de grond. In het museum worden de voorwerpen getoond die bij de opgravingen zijn gevonden, waaronder verrassend veel gaaf servies (en natuurlijk de fallische vaas).We drinken nog wat in het goedkope restaurant.

We gaan op weg naar de Serra da Estrela, een bergketen en tevens nationaal park ten oosten van Coimbra. Bij het plaatsje Unhais da Serra dachten we linksaf te slaan richting de Torre, het hoogste punt van het vasteland van Portugal. Maar die weg bleek onvindbaar of in ieder geval niet geschikt voor campers, dus nemen we een kleine omweg via Covilhã. Het is inmiddels alweer 17:00 uur, dus als we bordjes met parque de campismo zien, besluiten we om die camping op te zoeken. De camping is redelijk eenvoudig te vinden door de weg naar boven te volgen. De beheerder vraagt of we Frans spreken, en dat is natuurlijk prima. Vervolgens blijkt zijn Frans ongeveer zo goed als ons Portugees, dus echt veel schieten we er niet mee op. De camping is groot en voornamelijk gevuld met 'vaste' caravans (staanplaatsen in jargon). We worden naar een plek gebracht, terwijl de beheerder wel zes keer herhaalt dat we toch echt moeten gaan eten in het restaurant op de camping.

We worden naast een Nederlandse camper gezet ("Aqui, Olandese!") en besluiten iets te gaan drinken in het 'restaurant' om polshoogte te gaan nemen. Er hangt niet eens een menukaart, en het ziet eruit als een bouwkeet, Stefan zegt "loodsenhok". We drinken voor 1,50 een biertje en een nepsapje. Het hok is geen restaurant; je zou je hond er nog niet eens in laten dekken (© Hans Huijsing).

We besluiten toch maar naar boven te wandelen, want iets verder langs dezelfde weg zit een hotel/restaurant dat we kunnen zien liggen vanaf de camping. Eerst maken we nog even een praatje met het stel van de camper naast ons, die uit het noorden des lands blijken te komen (Kees zegt Terhorne, zij is blond en hij heet Jan/bleek later Groningen en Drenthe, hm) en bijna dezelfde route hebben gevolgd als wij, inclusief de Picos de Europa in Spanje. Daarna op weg naar het hotel, een korte wandeling over de gelukkig niet al te steile weg naar boven. Daar aangekomen blijkt het restaurant pas over een uur open te gaan, dus drinken wij wat op de veranda annex bar, met werkelijk schitterend uitzicht over het dal beneden en bergen in de verte. Het hotel ligt echt prachtig, met een groot terras met zwembad en ook de kamers met hetzelfde uitzicht. We zien de schaduw van de bergen langzaam het dal over trekken. Na een klein uurtje begint de CD met sax interpretaties van evergreens weer opnieuw; we zullen hem vanavond vier keer kunnen beluisteren want ook in het restaurant is dezelfde muzak te horen.

Het restaurant ziet er verzorgd uit en over de bediening kunnen we zeker niet klagen, want de ober en twee serveersters hebben naast ons slechts een andere tafel bezet. De menukaart en het prijsniveau vallen een beetje uit de toon bij de aankleding van het hotel. Toen begon het restaurant al iets van zijn glans te verliezen. We besluiten om het viergangen menu te nemen voor 15 euro. Eerst erwtensoep (bestaande uit alleen erwtenpuree, dus niet lijkend op Nederlandse snert), daarna gefrituurde sardientjes met rijst en bonen, gevolgd door lamsvlees met spinazie, gebakken krieltjes en geroosterde paprika, en tenslotte het dessertbuffet met wat fruit en een aantal soorten pudding. Qua bereiding zit het in tussen de restaurants in Amarante en Porto, en dat klopt ook mooi met het prijsniveau. De licht mousserende vinho verde is lekker. We liggen stilletjes in een deuk vanwege het contrast tussen de formele bediening en entourage ten opzichte van het eenvoudige voer. In het donker lopen we terug naar de camping. Stefan doet nog even wat gymoefeningen met zijn knie en het asfalt. We behandelen de knie en knippen de broek af. Wat een goedkoop land, een gratis korte broek ook nog!

40°17.19N-7°31.71W
2919 km

 

Vrijdag 17 september 2004

Het is prachtig weer. Stefan heeft voice-mail van zijn moeder. We ontbijten niet en gaan na een praatje met het stel naast ons (zij verhuren campers) de weg op richting het restaurant van gisteravond. Het is een hele klim, en onderweg zien we een stuwmeer, twee pionnen die lijken op sterrenwachten, en vreemde uitzichten. Het is me een slingerweg, er komt geen einde aan. De stenen, keien en rotsen zijn soms een beetje rond, en de ravijnen groen bemost. We komen op het hoogste punt van Portugal, heel toepasselijk Torre genaamd. Dat zou ook op het torentje kunnen slaan dat er staat om de hoogte op 2000 meter te brengen, want de berg zelf is 1993 meter boven zeeniveau. Torre is verder niet interessant, dus rijden we verder langs mooie uitzichten, wat Kees betreft de mooiste van Portugal. We komen het stel ook nog een paar keer tegen. Ze hadden ons aangeraden te gaan eten of lunchen bij Dom Pastor in Manteigas, en die kant gaan we op.

We rijden langs een gletsjerkloof (het riviertje de Zêzere) links van ons zie je duidelijk een brede ronde uitholling die naar beneden loopt. Hier en daar een hutje. In de verte komt Manteigas in zicht, ziet er goed onderhouden uit. Het is makkelijk te vinden, alleen de camper kan het dorp niet zo goed in; die zetten we ergens net naast het binnenste van het dorp. Smalle straatjes leiden naar Dom Pastor, op een binnenplaatje. Dit lijkt een redelijk goede tent (wit gedekt, netjes, schoon, Engelse bediening) maar Stefan heeft inmiddels slechte ervaringen met impressies. Het eten is toch erg lekker, maar de ober onthield (ook hier) slecht wat we bestelden, want we bestelden kaas, en vroegen iets over de worstjes. We kregen dus worstjes. "Lul" en "achterlijke zak hooi" verstonden ze ook al niet. Stefan had gebakken vis met een frisse tomatensaus. Nog even gewandeld (Stefan moest pinnen voor Dom Pastor, want met Visa betalen gaat niet) en wat groenvoer ingeslagen. Karren maar weer.

Weer een eind rijden over hobbelweggetjes, gelukkig hebben ze ook hier subsidie gekregen voor plaveiselverbeteringen. Er zijn bosbranden geweest, waarschijnlijk verleden jaar. Een enorme boom had er geen last van zo te zien, 3 meter doorsnee en flink hoog. Doorhobbelend en hier en daar aangestaard komen we uiteindelijk in een dorpje met een fort: Linhares. Leuk zeg, echt het jaar 1200. Alles is prima bewaard gebleven. We bezoeken het fort en klimmen de toren op en moeten door een gat van 60x60 cm kruipen om bovenin te komen, waar de bel hangt van het uurwerk (dat loopt op gewichten, twee grote keien).

We drinken wat in het lokale café en worden in redelijk Engels aangesproken door een ouwe tante. We verlaten het dorp weer lopend. De camper stond bij de entree; we konden er niet door en bovendien loopt er daar geen weg het dorp uit; het is een doodlopend dorp zeg maar (waardoor het waarschijnlijk zo goed bewaard is gebleven). Een aanrader, en als je van paragliding (parapente heet dat hier) houdt, kun je elk jaar de Open Wedstrijden komen bezoeken; de posters hangen er vanaf 1992.

We gaan nu het dorp uit en zitten binnen no-time op de autoweg. Lekker doorkarren hier! Onderweg effe de 162 km/h aangetikt (GPS snelheid, dus teller gaf 175). Pfff, als meneer Vonk dat hoort, de auto rijdt werkelijk perfect, Fiat Ducato kan dus ook lekker rijden. We grappen wat over doorrijden naar Salamanca en Lacanau. We zijn supersnel (goh) de grens over met Spanje en het wordt donker. We zien een camping in Ciudad Rodrigo. De TomTom liet hem midden op de snelweg zien maar we vonden het uiteindelijk toch via prima borden (hoi Spanje). Stefan maakt pasta met extra veel kaas, tomaat, ui en paprika. En lekker!

De planning voor de komende dagen is een beetje raar, want in de streek Sancerre is het restaurant waar we heen wilde op zondag, dinsdag en woensdag gesloten! Maandag is te vroeg (hoewel…) en donderdag te laat. Stefan snakt naar een Michelin-ster of twee. Er moet weer met munten gesmeten worden, anders is de buik niet goed gevuld. Gelukkig lukt het wel om voor de lunch morgen in Salamanca te reserveren bij Chez Victor, met 1 ster!

40°35.54N-6°32.02W
3129 km

 

Zaterdag 18 september 2004

Het is nog maar een klein stukje naar Salamanca, dus daar zijn we zo. We rijden met de camper de stad in, maar zien al snel dat het niet mogelijk is in de binnenstad te parkeren. In de buurt van het station vinden we een parkeerterrein dat er veilig genoeg uit ziet, ongeveer een kwartiertje lopen naar de binnenstad. Daar zetten we de camper neer, en we lopen naar het centrum (20 minuten). Kees neemt de TomTom mee om de kaart te kunnen raadplegen, maar echt handig is dat niet (maar wel stoer).

We kijken even rond op de Plaza Mayor. Daarna is het tijd om naar Chez Victor te gaan, het restaurant voor de lunch. Het begint al goed met een mooi interieur en keurige bediening, Engelssprekend ook nog. Het is moeilijk kiezen van de kaart, want alles lijkt lekker. Kees neemt een salade met geitenkaas, lamskoteletjes en chocolade-praline mousse, Stefan salade met krab en appel, verse pasta met coquilles en een chocoladetoffee. Het is allemaal voortreffelijk, we zijn het eens met Michelin. Tijdens het wachten op het dessert wordt er nog een enorme amandelkrul geserveerd, zo groot als een A4'tje. We lopen terug naar de camper.

We laten ons door de TomTom naar de dichtstbijzijnde camping leiden. Onderweg komen we een MediaMarkt tegen (later blijkt dat die afgelopen maandag is geopend) en kopen daar een Epson C86 printer om foto's uit te printen en bij wijze van ansicht te versturen aan familie en vrienden. Van het oorspronkelijke idee om hem in Nederland al te kopen was weinig terecht gekomen, en in eerdere steden die we bezochten waren we niet echt een geschikte winkel tegengekomen.

Verder naar de camping. De 'point-of-interest' staat weer midden op de weg, en hoewel Gijs Wanders zegt "bestemming bereikt", is er in geen velden of wegen een camping te bekennen. Even verderop het personeel van een benzinestation geraadpleegd, en er blijkt geen camping in de buurt te zijn. Grrr! Dan maar een andere camping proberen, waardoor we eerst weer een stuk door de stad moeten. Die vinden we wel, al ligt hij 500 meter verder dan de poi aangeeft.

De camping ligt ongeveer 4 km van het centrum, dus we besluiten niet met een taxi maar met de fiets naar het centrum te gaan. De fietsen waren behoorlijk goor geworden achterop de camper, maar gelukkig was er een waterslang in de buurt en waren ze zo weer schoon. Spanjaarden zijn blijkbaar niet gewend aan fietsers op de weg, en erg prettig fietst het niet over de 20 centimeter asfalt naast de witte streep als er auto's met 100 km/h voorbij razen. Het gaat ook nog bergop het eerste stuk, dus we zijn bezweet als we bij het centrum aankomen. Daar dus eerst een cerveza / agua sin gas op een terrasje voordat we te voet verder gaan.
We bekijken en fotograferen het hele centrum, dat vrij compact is zodat je in minder dan een half uur van de ene naar de andere kant kunt lopen. Het valt op dat alles van dezelfde lokale geel-bruine steensoort is gemaakt, waardoor het een coherente indruk maakt.

Het is inmiddels tijd voor de 'pantoffelparade', zowel toeristen als lokale bevolking flaneren. Als we alles hebben gezien proberen we meerdere terrasjes en kroegen op Plaza Mayor en in de omgeving richting kathedraal. Er is een of ander 'fiesta del dia' aan de gang, waardoor het wellicht extra gezellig is. Veel kroegen hebben een dependance in de vorm van een kraampje op straat. De tapas zijn heerlijk, en niet duur (bijv. 4 tapas en 2 drankjes voor 5 euro).

Voor de terugweg besluiten we de fietsen stevig vast te zetten tegen een lantaarnpaal en een taxi te nemen. De taxichauffeur kakelt er flink op los in het Spaans, en vraagt na een paar minuten of we eigenlijk wel begrijpen wat hij zegt. Zo ongeveer, zeggen wij, en hij babbelt weer verder over de drukte (mucho rapido), bier (copas), en 'muchas chicas' (lekkere wijven). Weet hij veel. Terug in de camper de printer uitpakken en aansluiten (plug en play werkt goed bij Epson!), foto's uitzoeken en printen. We kiezen ruim 25 foto's uit, dus het printen duurt wel even (2 minuten per foto ongeveer). De kwaliteit van de printjes is hoog. Met Word printen we een achterkant op de foto's met lijntjes voor het adres en een vakje voor de postzegel, zodat het echte ansichten worden.

40°58.49N-5°36.26W
3255 km

 

Zondag 19 september 2004

We rijden naar Ávila, een stadje dat bekend staat omdat het de best bewaard gebleven middeleeuwse (ca. 1090) stadsmuren heeft. De muren zien er opvallend uit door de vele ronde torentjes die erin zijn opgenomen. We zetten de camper op een parkeerplaats buiten de muren, en lopen de stad in. We kijken rond en eten wat bij een restaurantje dat gevestigd is in de binnenplaats van een gerestaureerd 16de eeuws huis. Simpel eten (hamburger, calamares) maar wel lekker.

We rijden verder naar Segovia. Er zit een klein stukje tolweg aan het begin van de route, en bij het afrekenen van de tol gaat het erg vreemd. Eerst moeten we een veel te hoog bedrag betalen (6,80 EUR voor 21 km snelweg is toch wel erg absurd), en na een aantal fly-overs komen we nog een keer bij een tolpoortje, waar het lijkt alsof we nog eens 5,05 euro moeten betalen. We laten het bonnetje zien van de 6,80, en de Spaanse juffrouw begint te ratelen en vraagt om de credit card. Eerst willen we die niet geven omdat we niet nog eens 5,05 extra willen betalen, maar uiteindelijk blijkt dat de 6,80 wordt teruggeboekt en het juiste bedrag 1,75 is (het is 6,80 van Ávila naar Madrid, en 1,75 voor het stukje dat wij op die weg hebben gereden). In Frankrijk is het een soort situatie beter geregeld, dan kom je maar één keer door een tolpoortje, en dan ook meteen het juiste.

Van verre zien we al de bijzondere kathedraal die boven de stad uittorent (een vierkante gotische toren met een ronde koepel, vrij ongebruikelijk). Hier is het wat minder duidelijk waar je moet parkeren, en moeten we een stuk achteruit omdat helemaal aan het einde van een steeds nauwer wordend straatje een bord staat dat de maximale breedte 2 meter is. Na enig gevloek (kan Kees goed) toch een parkeerplaats gevonden. We wandelen naar het Romeinse aquaduct, dat terecht beroemd is want het is echt schitterend. We drinken wat op een terrasje en maken veel foto's. Naast ons zitten een vrouw en haar moeder, en op een gegeven moment komt de vrouw naar ons toe en vraagt in het Spaans of wij een foto van hen willen maken en naar haar opsturen, ze wil ervoor betalen. Wij begrijpen genoeg van het Spaans om te weten wat ze wil, en wuiven het geld weg. Kees maakt de foto en we krijgen het adres op een servetje. Even verderop blijkt een internetcafé te zitten waar je ook foto's kunt laten uitprinten. Even later verrassen we de dames dus al met een printje, maar omdat het op gewoon papier is beloven we nog een afdruk op fotopapier op te sturen.

We bekijken de rest van Segovia en lopen weer terug naar de camper. We zetten koers richting Frankrijk, onder het motto we zien wel waar we uitkomen. Onderweg snel iets gegeten langs de weg (na eerst twee plaatsen te hebben overgeslagen omdat er alleen onduidelijke Spaanse vette zooi te krijgen was). Tussen Bilbao en de grens is de weg erg bochtig omdat hij een meanderende rivier volgt, en dat rijdt best lastig in het donker. Gelukkig is het rustig op de weg dus we schieten goed op. We besluiten om weer bij het picknickveldje van Biriatou te gaan staan, waar we ook op de heenweg hebben overnacht. Bij de grens is er een enorme file van vrachtwagens (zonder duidelijke reden, want de grens blijkt niet dicht te zijn voor vrachtwagens), waar we gelukkig langs kunnen rijden. Door de vrachtwagens missen we wel de afslag, waardoor we met een kleine omweg uiteindelijk toch in Biriatou terecht komen. Het is inmiddels al bijna 23:00 uur, dus we gaan snel slapen.

43°19.93N-1°44.39W
3907 km

 

 

Maandag 20 september 2004

's Ochtends schrijven we de kaarten en douchen we in de camper. Daarna rijden we naar Béhobie aan de andere kant van de snelweg, waar we twee weken geleden brood en gateau basque kochten. Daar halen we nu postzegels en enveloppen (de kaarten zijn toch iets slapper dan normale ansichten), schrijven de adressen erop en posten de kaarten. Tevens halen we een baguette bij dezelfde bakker. Daarna de snelweg op naar het noorden. De TomTom zegt dat het nog 8 uur is naar Sancerre, dus zover zullen we vandaag waarschijnlijk niet meer komen (want het is inmiddels al twaalf uur geweest).

Dat gaat een tijdje goed, totdat we ergens halverwege naar Bordeaux in een file terecht komen, veroorzaakt door een gekantelde vrachtwagen. Als we daar voorbij zijn rijden we weer door, maar vlak voor Bordeaux staan er borden dat de brug over de Gironde is afgesloten. Er is een omleiding, en we volgen braaf de bordjes. Op een gegeven moment zijn de bordjes van de omleiding afgeplakt met zwarte tape, en weten we niet meer waar we aan toe zijn. Op goed geluk volgen we bordjes Parijs. Het gaat een tijd goed, maar uiteindelijk komen we toch in een file terecht. Eerst rijdt het nog enigszins door, maar na een tijdje komt het verkeer volledig tot stilstand en blijkt dat we toch voor de afgesloten Pont d'Aquitaine staan. Gelukkig staan we net bij een afslag, en besluiten we om te draaien om via de andere kant van de ring om Bordeaux heen te gaan. Iets voorbij de Pont François Mitterand is echter een ongeluk gebeurd, zodat we ook daar in de file komen te staan. Gelukkig hebben we de Garonne al overgestoken als het echt vastloopt, en nemen we een afslag. De TomTom leidt ons om het ongeval heen, zodat we uiteindelijk weer door kunnen rijden. Al met al hebben we wel 2 uur oponthoud.

Vlak voor Tour gaan we van de snelweg om wat te eten en een camping te zoeken. Stefan prikt op goed geluk een plaatsje op de kaart en stelt de TomTom in. De weg naar dat plaatsje blijkt echter afgesloten te zijn en we zien bulldozers staan waarmee de weg wordt afgebroken. Op goed geluk rijden we ongeveer richting Sancerre. Het is al 20:30 uur dus we hebben honger. We rijden in een soort meubelboulevard achtig gebied en zien een vreetschuur Le Relais d'Alsace. Het eten is prima te knagen (Kees heeft magret de canard met perzik en Stefan gegrilde tonijn). We staan zo weer buiten. Na het eten stellen we de TomTom in op Sancerre om in ieder geval in de goede richting te rijden. Al snel zien we een bordje camping, en even later zijn we bij een camping aan de rivier de Cher in het plaatsje St Avertin. Het lijkt alsof hij al gesloten is voor de nacht, maar na even wachten komt toch de beheerder te voorschijn en mogen we het terrein op. Nog effe een boompje geraakt in het donker, geen schade. Het is niet ver meer naar Sancerre morgen.

47°22.25N-0°43.45E (!)
4512 km

 

Dinsdag 21 september 2004

We gaan vandaag naar de Loire-streek bij Sancerre, Stefan's favoriete (witte) wijn. Eerst een stuk dorpsweggetjes en dan een wat grotere weg. Onderweg even wat boodschappen gedaan. We stoppen even bij het kasteel in Chenonceaux. Dat blijkt een bejaardenattractie; de bussen staan in de rij en je kunt het niet effe snel bekijken, wat wel de bedoeling was. Nu schiet het lekker op, veel snelweg. Sommige wegen staan niet op de TomTom en sommige wel maar bestaan niet (meer). We stoppen op een aire en slapen een uurtje.

We gaan door en komen in de voorstad van Bourges, vreselijke reclameboulevard. Dan komen we in een heuvelachtige streek. Beetje Duits, huizen hebben lei-stenen daken en geen rode dakpan meer.

We gaan naar Henry Bourgeois, een vrij grote wijnhandelaar even buiten Sancerre. We proeven wit, rood en Pouilly Fumé. Kees vindt het duidelijk niet zo lekker, zeker de rode niet, Stefan wel. Kan komen door de Gini en chocola onderweg. Het worden dan gelukkig maar 5 dozen van 6 flessen. We ontruimen een van de banken in de camper en stouwen de wijn weg. Een Engels stel laadt flink in naast ons. Ze kunnen hier weer skiën aankomende winter. We rijden weg door de wijngaarden, daarna het dorp in.

Daar was het wat krap, kwestie van centimeters om langs huizen en geparkeerde auto's te kunnen komen. Gelukkig hadden we gedronken. Het plein boven heeft wat restaurantjes, winkeltjes en een VVV-kantoor. We kopen een stukje noga (lekker) en vragen naar de camping bij de VVV. Na een rondje lopen stellen we de TomTom in en rijden naar de camping. Leuke plek aan de Loire. Er zijn wat restaurantjes hier, die kunnen we ook even bekijken, dan hoeven we niet naar boven het dorp in. We zien er een (au Bord de Loire, aan de oever van de Loire) en besluiten deze te nemen. Even de foto's doen en omkleden, dan gaan we.

Zo, het eten was prima, aardige bediening maar wel erg lekker allemaal. Ze hadden lokale kaas en Sancerre Rosé, Stefan heeft de gefrituurde visjes (petit friture) geprobeerd, daarna kalf in witte wijn en Kees had de salade met lokale kaas (Crottin de Chavignol) en gestoofd konijn. We krijgen kaas toe, en taartjes.

47°20.56N-2°52.03E
4728 km

 

 

Woensdag 22 september 2004

Niet te lang douchen vanochtend, want we willen nog langs twee wijnhuizen om Sancerre en Pouilly Fumé in te slaan. We rijden eerst naar de gebroeders Raimbault in Chaudenay. Dit is duidelijk meer een familiebedrijf dan Henri Bourgeois. De mannen zijn flessen aan het schoonmaken terwijl wij worden geholpen door moeder de vrouw. Zowel de witte Sancerre als de rosé zijn erg lekker en nog niet duur ook, dus we nemen 12 flessen van elk. We proeven ook wijn van 'vieilles vignes' (wijnstokken die al ouder zijn en dus dieper geworteld), maar dat vinden we minder lekker. Ze hebben hier een hele efficiënte manier van flessen wijn in een doos stapelen, zodat je van de buitenkant niet zou vermoeden dat er 12 flessen in één zo'n doos zitten.

We rijden naar Pouilly s/Loire. De route loopt door het heuvelachtige wijnlandschap, en we maken veel foto's in het schitterende ochtendlicht. Hoewel de zon schijnt, is het behoorlijk fris. In Pouilly s/Loire gaan we naar Domaine Masson-Blondelet, waar we twee soorten Pouilly Fumé proeven van 2002 en 2003. Het laatste jaar vinden we duidelijk lekkerder, dus we kopen 6 flessen van beide soorten. Zo is het wel mooi geweest. Totale score 66 flessen, waarvan 30 witte Sancerre, 12 rosé Sancerre, 6 rode Sancerre, en 18 Pouilly Fumé. De rode Sancerre van 2003 moeten we nog bewaren tot 2006 voordat hij op dronk is; de rest is 'pret-à-boire'.

We hebben nog wat tijd over en besluiten een avondje naar Parijs te gaan. Dus we stellen de TomTom in op Chantilly (nee geen Franse slagroom, maar het eerste stadje buiten Parijs aan de noordkant) in de hoop daar een camping te vinden. Er is in ieder geval een station om de trein naar de stad te kunnen nemen.

Aangekomen in Chantilly doen we navraag bij de Office du Tourisme, en er blijkt 6 km verderop in Gouvieux een camping te zitten. Met de TomTom zijn we er zo. De camping blijkt op een heuvel in de 'achtertuin' van de campingbeheerder te zijn gevestigd. De beheerder is een aardige vent en hij bestelt een taxi voor ons naar het station. Taxi's blijken iets bijzonders te zijn in Gouvieux, want pas bij het derde nummer dat hij draait heeft hij succes. Op het station aangekomen staat er een rij voor het loket, dus we proberen eerst de kaartjesautomaat. Dan blijkt al snel waarom er een rij staat bij het loket; dat heeft de NS toch beter voor elkaar. We gaan dus maar in de rij staan, gelukkig gaat onze trein pas over een kwartier. Grappig is dat we hier niet een retourtje per persoon krijgen, maar in plaats daarvan twee enkele reizen voor twee personen. Kan ook. De trein rijdt keurig op tijd (daar kan de NS weer wat van leren) en een half uurtje later staan we al op Gare du Nord.

Het regent niet, dus we besluiten te voet naar Open Cafe te wandelen (op de hoek van Rue des Archives en St Croix de la Bretonnerie). Het is een half uurtje lopen, en onderweg reserveren we alvast een tafeltje bij Grizzli, ons favoriete eetcafé aan de Rue St Martin, vlakbij de Rue de Rivoli. In de Open is het als vanouds zien en gezien worden, al lijkt het wel nog iets meer 'open' dan vier jaar geleden. Er is een nieuwe barjongen die er niet verkeerd uitziet. Naast ons komt een Vlaams stel zitten, en we maken een praatje. Het is Happy hour en dat geldt hier alleen voor bier: een normaal glas cola kost meer dan een halve liter bier. Na drie rondjes lopen we naar Grizzli. Het is maar goed dat we hebben gereserveerd, want we hebben het laatste tafeltje op het (verwarmde) terras. Kees heeft tonijntartaar met guacamole gevolgd door oosterse eendenspies, Stefan een terrine van aubergine en paprika en daarna gebraden scharrelkip. We delen kaas en crème brulée met gember toe. Het geheel overgoten met een fles pinot noir uit de Bourgogne.

We lopen terug naar Gare du Nord. Hoewel er volgens de dienstregeling nog een trein zou moeten gaan, kunnen we die niet vinden en worden we verwezen naar de RER (snelmetro). We hebben geen idee hoe we met onze (grote) kaartjes de metropoortjes kunnen openen, terwijl de treinbeambte ons had verzekerd dat we met dezelfde kaartjes ook in de RER kunnen. Dus doen we net als de lokale bevolking, en glippen door de poortjes heen die men behulpzaam voor elkaar openhoudt. We voelen ons daarbij niet al te bezwaard, we hebben immers een geldig kaartje. Maar vreemd is het wel. Er is vast ook een betere weg, maar we hebben geen zin om die uit te zoeken. Het publiek is 90% donker en de RER is redelijk vol. Het is tien haltes naar Chantilly, maar bij de eerste twee haltes stapt al het donkere publiek uit; blijkbaar is St. Denis een soort Bijlmer van Parijs.

Aangekomen in Chantilly staan er vijf Amerikanen bij de taxistandplaats, die daar al een uur blijken te staan. Het is 23:15 uur, en als we het nummer bellen dat bij de taxistandplaats staat, dan blijk je daarmee de taxipaal daar te bellen! Goh, erg handig. We hadden de taxichauffeur van de heenweg nog gevraagd hoe we weer een taxi terug konden krijgen, en hij had gezegd dat we gewoon dat nummer moesten bellen. Ja ja.

De Amerikanen moeten naar het vliegveld Charles de Gaulle. Een tijdje later komt er één taxi, die maar 3 personen mee wil nemen en niet valt om te kopen. Behulpzame (!) gendarmes menen dat de taxichauffeur collega's kan optrommelen, maar ook tegen de gendarmes zegt de chauffeur dat dat niet mogelijk is, en dat er twee taxi's vanavond dienst hebben en dat we maar moeten wachten. Hij zal terugkomen als het eerste vrachtje Amerikanen is afgeleverd.

Intussen zien wij op de monitor dat er om 23:49 nog een trein naar Gare du Nord vertrekt. Hoewel niet echt in de richting van CdG, is het vanaf daar heel makkelijk om op CdG te komen en dat zien de andere twee Amerikanen dus wel zitten. Maar het stationsgebouw is al dicht, dus hoe komen ze aan een kaartje? Opeens bedenken wij dat wij ons kaartje van de heenweg niet hadden afgestempeld (we dachten dat dat niet nodig was omdat er al een datum op stond), en dus geven we ons kaartje aan de Amerikanen. Zij blij, en wij staan dan tenminste vooraan in de wachtrij voor de taxi. We maken nog even een praatje totdat de trein komt.

Het is inmiddels twaalf uur geweest en er is nog geen taxi. Zullen we gaan lopen? Dan gaat Kees bij de hoofdweg even verderop staan, om de kans te vergroten om toevallig een taxi tegen te komen. Dat lukt wonderwel een kwartier later. De taxichauffeur is hier niet bekend, maar met behulp van het navigatiesysteem in de taxi en het kaartje dat wij bij ons hebben, rijden we in één keer naar de camping. In het donker lopen we de heuvel op naar de camper. De lichtjes in de PocketPC en GSM die we bij ons hebben, hebben we niet eens nodig, want het is niet ècht donker.

49°12.14N-2°24.33E
5021 km

 

Donderdag 23 september 2004

Vandaag rest ons nog de terugreis. Het is niet ver meer, volgens de TomTom nog 4½ uur. Bij Antwerpen is er een ongeluk gebeurd op de oostring, zodat we omrijden via de andere kant, en dan verder via Bergen op Zoom en Rotterdam. In Nederland is het nog drukker op de weg, dus hoewel het nog vroeg in de middag is komen we in verscheidene korte files terecht. Om 17:00 zijn we uiteindelijk thuis, onderweg halen we nog even de 307CC op bij de garage. Thuisgekomen blijkt Stefans vader voor een verrassing te hebben gezorgd: niet alleen is de tuin gewied, er staat ook nog een sculptuur van Stefans hoofd in de achtertuin! Stefan haalt de camper leeg terwijl Kees hem schoonmaakt. We eten fajita's en brengen de camper daarna terug. We gaan nog even bij Esther & Lucien langs (Luna slaapt) om een fles Sancerre langs te brengen.

thuis
5541 km
(met camper ophalen en wegbrengen > 6000 km)