Zuidwest USA per camper (RV)

elmonterv.gif (42576 bytes)

(klik op de camper voor details)

 

Vrijdag 7 september 2001

's Ochtends pas ingepakt. Met pontje en trein naar Schiphol. We vliegen met United. Eerst naar Washington (Dulles(t) airport). Daarna ging het mis, want omdat er slecht weer was rond Chicago, was het vliegtuig dat ons naar San Francisco zou brengen vertraagd. Toen we uiteindelijk toch in het vliegtuig zaten, was er iets mis met het hydraulische systeem, wat eerst gerepareerd zou worden. Nadat we een tijd in het vliegtuig hadden gewacht weer eruit, en met de volgende vlucht mee. De communicatie tussen de verschillende United mensen was niet zo goed, maar uiteindelijk waren we toch rond middernacht in San Francisco en namen we een taxi naar het hotel. Nou ja, om precies te zijn werden we benaderd door iemand die vroeg of we een taxi zochten, en dat was dus geen officiële taxi. Hij vroeg waar we vandaan kwamen. Op zich wist hij best veel van Europa, maar Duitsers waren vroeger geen Nederlanders en andersom ook niet. Het was een Israëliër. Hij was "stuck in this place".

Het duurde een halfuurtje of zo en zowel Kees als Stefan lagen bijna te maffen. Natuurlijk zei Stefan iets over de route, maar de man wist dat de route door "Franklin" een groene golf had (ik ook bijna achterin) en "Van Ness" niet.

Inchecken, plof in bed en maffen.

Zaterdag 8 september

Koffie en daarna ontbijt in het hotel (donuts, bagels met cream cheese of grape jelly en koffie of jus). Op naar Fisherman's Wharf. Duidelijk bedoeld voor de toeristen, maar toch erg leuk. Vooral de zeeleeuwen die er sinds de aardbeving van 1989 zijn neergestreken. Op vlotten lagen ze schots en scheef over elkaar te zonnen, en maakten veel kabaal. 

Een rondvaart van een uur door de baai leek ons wel wat, en het was inderdaad zeer de moeite waard. Veel mooie plaatjes, vooral de Golden Gate Bridge. We varen een rondje om Altatraz (Spaans voor Pelikaan), dat een toeristenoord is geworden. De Japanners aan boord klikken zich een ongeluk met hun camera's. Maar ook wij kunnen het niet laten.

Daarna een crabsandwich gegeten en even terug naar het hotel om de camera te "sucken" (foto's overhengelen naar de PC). Het plan was om te voet naar de Golden Gate Bridge te lopen, maar dat bleek toch wat ver te zijn en bovendien was het, hoewel zonnig, best koud.

Dus toch maar weer terug naar het hotel, jas aangetrokken en met de taxi naar de brug. Kees wist zich nog een foto van Erwin te herinneren vanaf een strandje, dus wij op zoek naar dat strandje. Dat was redelijk snel gevonden, en na wat geklauter stonden we beneden. Dit strand bleek 'clothing optional' te zijn, of iets in die richting (we merkten dat allerlei leuke meneren daar liepen te ehh wachten denk ik). Na wat plaatjes geschoten te hebben naar boven, waar we nog een stukje over de brug hebben gelopen. Met de bus (elektrisch met bovenleiding!) naar de Castro (de gaywijk), waar we lekker hebben gegeten in het zeer gezellige Chow. Tenslotte nog in een paar gay tenten iets gedronken. Taxi terug. 

Zondag 9 september

Koffie en wederom ontbijt in het hotel. Daarna gelopen naar het eindpunt van de Cable Cars bij Fisherman's Wharf. Tijdens het wachten konden we zien hoe de trams worden gekeerd. De rit door de steile straten van San Francisco naar Union Square was erg leuk. Naar beneden moest er flink worden geremd om niet te snel te gaan, gewoon met een blokje hout. De bestuurder was trouwens erg stoer met zijn zonnebril. Van Union Square liepen we naar China Town, waar we heerlijk tempura en sushi hebben gegeten (de sushi kon je van voorbij varende bootjes af pakken). Daarna op zoek naar een internetcafé om de eerste foto's naar het thuisfront te mailen. Uiteindelijk vonden we die in de buurt van Union Square. 

Daarna willen we het Golden Gate Park gaan bekijken. We gaan met de draadjesbus (21 of 33, beide goed). Het park is erg groot. Er zijn mensen aan het skatedansen op muziek uit een flinke blaster. De Japanse tuin is grappig en volgens Stefan precies zoals in Japan. Hee, een tuintjestuin (Hortus Botanicus). Na een stuk dwalen (we hebben alle planten van de Hortus gezien) werden we moe, vonden de uitgang en zochten we de bus naar Castro. Grappige huisjes onderweg gezien. Weer rondlopen en het was nu nog drukker dan eerst. Ontzettend gezellie. We strandden in een Italiaans ogend restaurantje, dat Fuzio heette (mengelmoes van meer stijlen). Het eten was verrukkelijk, net zoals de heer naast Stefan. 3 meter lang, een mond zo breed als een paard en schouders als een kademuur. Steef, kijk voor je.

Nog wat gedronken in een tentje. Het is enorm prettig dat hier nergens gerookt mag worden in bars en restaurants, of zoals het op een bordje stond: "nearest smoking section is in Nevada". Daarna nog wat gedronken in Twin Peaks, wat de eerste gay tent was met grote ramen. Wij brachten de gemiddelde leeftijd fors naar beneden. Taxi terug. 

Maandag 10 september

Koffie en voor de laatste keer ontbijt in het hotel. We gaan vandaag de Coit-toren bekijken. Deze heeft een Amerikaanse dame (Coit) laten bouwen om de stad te sieren. We hebben van bovenaf een stel foto's gemaakt in de hoop deze tot een 360°-foto te "stitchen".

We worden om ongeveer 13:00 uur opgehaald door een busje van El Monte, verder waren er alleen Duitsers binnen. We reden de stad uit via de andere brug. De Coit-toren is goed te zien vanaf het water, zo is de stad veel mooier vanaf het noordoosten. Een uurtje rijden bracht ons naar het grote El Monte-terrein, waar we snel konden inchecken omdat Steef alles had voorbereid. De video was in het Nederlands, we hadden inmiddels het instructieboek al uit. Na een Tsjechische uitleg wisten we ongeveer wel hoe we moesten omgaan met de camper. Het was niet zo'n heel grote, groot genoeg om ons in vervoering te brengen. Tijd om te starten! Maar eerst boodschappen doen. Kees geeft een liter gas en de camper schiet vooruit. O jee remmen en de pannen vliegen door de keuken. gaaf ding. Okee genoeg geoefend. Naar binnen en inslaan. Dat was al een hele opgaaf met een Stefan die nog niet weet wat we eigenlijk moeten hebben. Die klojo's van Amerikanen hebben alles in ontiegelijk grote verpakkingen. Wat een bullshit om 48 rollen toiletpapier in te kopen. Vooruit dan maar, dan gooien we de rest weg. Later zagen we met koeienletters BULK boven het schap staan. Om de hoek staan de gewone 4-rolverpakkingen.

Karren maar. We gaan bij Carmel of Monterey een camping zoeken aan het water of aan een rivier. Na de buurt, alle snelwegen en alle paadjes gezien te hebben komen we via het kampeerboek bij een camping. Office closed. Maar je mag best $45 in een envelop doen en dan mag je 's morgens best weer weg. "De groeten" zegt Stefan en we gaan "achter een boom" kamperen. Ehh, die boom hadden ze denk ik net verstopt. Het zoeken duurde wel even en uiteindelijk kwamen we op een nette kampplaats met een eigen tuintje. Reuze gezellig. Vroeeem zeggen de auto's op de snelweg. Snurk.

165 mijl

Dinsdag 11 september

We staan midden in de nacht om 08:30 op. Koffie op bed! Het is mooi weer en we zien wat we al wisten: we zitten op een vrij nette camping aan de Highway 1. Stefan gaat even inchecken, aangezien we gisteravond laat min of meer lukraak een plekje hebben gevonden.

Als hij terugkomt vertelt hij het wereldnieuws, vers van de dame van de balie (You guys must have a pretty hard job getting back"): een paar vliegtuigen gekaapt, waarvan eentje op het Pentagon is geploft en de andere twee op beide torens van het WTC in New York. We zetten de radio aan. Een nieuwslezer vertelt in verstaanbaar Amerikaans (het kan dus toch) dat er nog twee toestellen kwijt zijn; beide zouden zijn neergestort, een 777 tussen Boston en Los Angeles (meer informatie is er niet), de andere, een 757, bij Pittsburgh, Pennsylvania. (Uiteindelijk blijken er in totaal 4 vliegtuigen te zijn gekaapt. Twee van United en twee van American.)

We gaan zo even naar huis bellen, lijkt wel verstandig. O nee, we kunnen niet bellen omdat alle transatlantische lijnen bezet bleken te zijn. We gaan rijden, nadat ik (Kees) me suf heb gelachen om die koter in die elektrische 4WD-kar die rondjes reed naast de camper van pa en ma. Gelukkig haalden we de stekker er ruim van tevoren uit zodat we bijvoorbeeld niet hoefden te stoppen om het snoer alsnog binnen te halen. Ahum. En de deur vloog ook niet open in de bocht. Want die zat keurig netjes in het slot.

De duinen zijn niet zo breed en binnen een mum van tijd zijn we op het strand. We wisten niet dat we zo dicht op de kust zaten! Hier hebben we goed uitzicht. We zien rare vogeltjes. De vogeltjes ook. Even gewandeld en natuurlijk veel foto's gemaakt. Gelukkig is de boete op het weghalen van iets natuurlijks achter het hek maar $50.000,- We wandelen terug naar de camper en zien onze buren wegrijden met hun gewone auto achter de camper op sleeptouw, wat later normaal bleek te zijn.

We gaan een rondrit door Monterey maken; langs de kust. We zijn door de haven gekomen en kwamen bij de "17 mile drive". Die leek wel 27 kilometer lang, zeg. Langs eenzame bomen, een rots met zeeleeuwen en zeehonden, allerlei kliffen en stinkerige zeewierrommel. We verlaten de 17 mile drive en gaan richting Salinas.

Honger. We slaan linksaf naar een of ander "Park", wat later een ontzettend slechte suburbwijk bleek te zijn met akelig nette tuintjes, belachelijk keurige perkjes en gekamde boompjes met getelde bladeren. We steken de oven aan en gaan een pizza bakken. Piepiepiep daar gaat het brandalarm. Lekker ding die camper. De afzuigkap maakt trouwens nog meer herrie. Dan maar allebei aan. De vuilnisman scheurt voorbij want het leek hem breed genoeg.

Terug naar de weg. Langs het San Luis Reservoir, een indrukwekkend maar gek uitziend stuwmeer. Daarna naar Merced, een plaats met hutjes, benzinepompen en dat soort handel. Dit was een lang stuk. We zien nu steeds meer borden "Yosemite", terwijl het nog 80 mijl is. Toch gaat het snel, want binnen een mum van tijd zitten we aan de grens van het park. Alles is natuurlijk vol, maar na wat vragen hebben we een plekje op Crane Flat (16 mijl). Toffe plek, nummer D-124, maar wel scheef, gevonden na wat zoeken. We gaan zelfs nog even wandelen maar Stefan heeft een soort elastiek tussen hem en de camper gemaakt want na een paar minuten zijn we alweer terug. Er schijnen beren te zitten. Alle etenswaren en lekkere luchtjes moeten in een stalen kist in het bos worden opgesloten.

230 mijl (395 totaal)

Woensdag 12 september

Koffie. Vroeg opstaan (laat voor Stefan). Steef doet de heater aan voor een douche. Lekker, zei Steef en Kees wil nu ook. Nu terug naar Yosemite Village, waar het gisteren vol was. Parkeren mag nu wel (overdag). We gaan wat wandelingen maken maar eten eerst broodjes uit de Village Store, waarna Kees niet echt energiek meer is. We lopen richting Happy Isles, maar zoals een Duitse medebezoeker zei: "Wo sind die blöde Insel eigentlich?" Vanaf dit punt beginnen allerlei trails, zoals naar Mirror Lake en Vernal Falls. Wij lopen eerst naar Mirror Lake. Een leuke route, maar het meer blijkt droog te staan. Kees is nog steeds niet zo energiek, maar badderen in flink koud water helpt: Kees doet weer mee. Op naar de watervallen. Klimmen, klimmen, klimmen. Bovenaan gekomen zien we inderdaad wat zielige valletjes (want smeltwater was zo langzamerhand op). Wel leuk natuurlijk. We zien de eekhoorntjes illegaal uit de rugzakken eten en maken nog wat plaatjes.

Het volgende doel is Glacier Point. We gaan rijden. Na veel bochten komen we bovenaan de weg, om de Yosemite Valley van de andere kant hoog te bekijken. Het uitzicht is inderdaad de moeite waard! We kunnen alleen niet zo goed ontdekken wat alles beneden precies is, dus dan is de lol er gauw af. Het is trouwens steenkoud (allemaal de jassen aan) hier boven. We gaan maar weer op pad en het wordt zelfs donker. We hebben niet zoveel zin meer om te rijden en twijfelen wat we gaan doen.

Oakhurst. Benzine $1.43 per gallon? Gooi maar vol (overigens is de duurste "supreme" benzine hier maximaal 91% octaan, in Nederland is Euro al 95%). We waren eigenlijk van plan om naar Fresno te gaan, maar het is al donker en we zien een bord "High Sierra RV Park". Hier gaan we in. Het blijft een redelijk fatsoenlijke camping te zijn.

Pizza met Bud! Gezonder kan het niet. Pas op: NO LIFEGUARD. Er ligt een blubbersloot achter de camper. 

O ja, voor vrijgezellen is zo'n camper wel leuk, maar stelletjes hebben er niets aan.

145 mijl (540 totaal)

Donderdag 13 september

Koffie. Weer vroeg wakker. Eerst even de tanks legen in de "dump". Onderweg naar het Sequoia National Park komen we eerst door Fresno (de Save-A-Lot = Aldi heeft alles en kost geen drol), waar ze heel handig de straathoeken een noord/zuid en oost/west nummer geven. Jammer dat Stefan dat wel weet maar Kees dat niet snapt (veel te simpel natuurlijk). Een handige Indiër weet alles en vertelt ons de weg naar de Highway 180. Daarna is het vloeken op Amerikanen en verlangen naar Belgische wegwijzers. Na flink wat bochten komen we in het Sequoia National Park bij de megaboom "General Sherman". Da's een Sequoia, die ongeveer 100 meter hoog kan worden, in zo'n 3200 jaar. Diameter aan de grond bijna 12 meter. We hebben 5 foto's nodig om de generaal te pakken.

Nu nog de helling af, we zitten tussen 5000 en 6000 voet (5000 voet is ongeveer 1 mijl hoog, ongeveer 1,6 km). Het wordt steeds smaller en smaller en de bochten krapper. Na een voor Steef ijselijke tocht waar Kees filmpjes maakte tijdens het haarspelden komen we in vlak land. Erg mooi. Stefan slaapt of doet alsof en Kees eet ijs.

Het vlakke land wordt saaier en platter. Ook in Visalia is de bewegwijzering weer niet om over naar huis te schrijven. Toch komen we op de drukke vrachtroute 99, waar een spoor langs loopt. Hier mag je lekker 70 m/h dus met 75 schieten we flink op. Bij Shafter moeten we eraf en na een heel korte Amerikaanse mijl (even te ver gereden) komen we bij de KOA (Kampsites of America). We hebben een kortingspas van El Monte. Stefan checkt in en Kees doet of hij heel druk is met de ruiten wassen (lekker op tijd, we zijn er al).

Kees een biertje. Mm. Eerst zwemmen? Ja best, lekker in het zwembad. Amerikaanse baden staan er trouwens om bekend dat het water heel glad is. Kees zwemt en zijn zwembroek gaat uit. Heel gek. Bij Stefan niet want er mocht eens iemand kijken. Daarna lekker douchen en toen we weer buiten waren was het donker??? We hadden echt maar heel even samen gedoucht.

Kees typt en Stefan bak fajita's (klinkt lekker, het water loopt me al in de mond). Kees zegt: goed voer. 

257 mijl (797 totaal)

Vrijdag 14 september

Koffie. 08:20 vertrek. Zo, vandaag wordt het racen. Alleen maar snelwegen en af en toe een stukje "gewone weg". Dwars door de Mojave (mohavie) woestijn. Bloedjebloedjeheet. Soms zie je een idioot door de woestijn karren met een jetski achterop, of een speedboot. We snappen er niks van. Even stoppen voor een broodje. Lekker warm al. Kees gaat "effe in de woestijn pissen". En weer de weg op. 

Stefan wil nu ook wel een stukkie rijden, hier is het breed, rustig en een flinke vluchtstrook (heet hier "shoulder") geeft ons moed. Even oefenen op een kampeerterrein. Gaat goed! Overmoedig de weg op. Stefan wordt het nu wel wat veel en hij gaat remmen. Kees gaat steeds harder blèren dat hij niet zo hard moet remmen, waardoor Stefan alvast maar nog meer remt, want er gebeurt nu zoveel tegelijk. Misschien moet ik nog harder roepen denkt Kees. Een automaat, grote camper, rare afslagen, woestijn, toch maar niet doen. Kees neemt het roer weer.

Bij het tanken moet je rennen van airco naar airco. We tanken wat af. Steeds op zoek naar de laagste prijs (in de woestijn $2.53, eenmaal in Arizona $1.57 (meer concurrentie en lagere tax). Mooi uitzicht op de superblauwe Colorado! 

De cruise control snapt het soms niet en laat het gas los. Soms gaat hij op hol en blazen we 80 de helling af. Beetje gas erbij en de 95 halen we net niet. Kun je nagaan, met een 7.5L motor. We zien borden van een motel, dat "6" heet. Een benzinepompketen met een 6 in het logo, om van route 66 maar niet te spreken. Ik ben in mijn nopjes met zoveel geluksgetallen.

Het landschap wijzigt per 10 mijl. Heel indrukwekkend. Soms een treintje, soms een rare berg, wat koeien in een vallei en steeds weer die enorme trucks met superopleggers. De radio heeft de hele dag een mix van Country, Rock en Sixties. Mojave-radio, Classic Rock, allerlei zenders, goede ontvangst in het vlakke land. "You know the words to all the songs we play", en "Route 66, music for your convenience". Binnen de kortste keren zijn we in de buurt van de Canyon. Op naar de Canyon bij Williams. De camping is makkelijk te vinden op de weg naar de Canyon. Gemiddelde snelheid is bijna 60 mijl, met rusten erbij.

Er is een zwembad met duizend waarschuwingen dat je 14 jaar moet zijn om te zwemmen, maar dan wel met je ouders erbij. In de "spa" (warm badje) mag je pas (IT'S THE LAW) als je 18 bent. Waanzin. Ik kijk rond en stoot mijn kop aan de metalen opstaande klep die als uitgang van het zwembadhalletje dienst doet. Op ooghoogte (van een Europeaan)! Nu weet ik zeker dat ze allemaal gek zijn. Wie verzuipt er nou in een badje van 10 meter lang, 3 meter breed en 5 voet (1.5m) diep.Voor straf spetter ik lekker veel water uit het bad. Een tankauto komt hier immers telkens vers water brengen. 

Kees doet heel handig de BBQ aan met stukjes Jezuskaars (is die man nog ergens goed voor) en Steef smeert binnen de Teri-Yaki marinade alvast tegen de wanden. De BBQ is lekker heet en de kip gaat er op. Steef oefent met "dat klotefornuis" (volgende keer neem ik een camper met inductie). De roerbakwortel smaakt naar broccoli, wat leuk past bij de broccoli die naar wortel smaakt.

We zitten nog lekker buiten bij de BBQ tot we binnen wat gaan lezen en typen. Het is hier om 19:00 uur flink donker. De radio gaat aan om van die rare 60 Hz brom van de campertrafo af te zijn (in elk geval geen 50 Hz, dat is wel lekker, het duurde een paar dagen geleden even voor het gehoor zei: hee, dit is geen standaard netvoedingbrom).

We hebben net besloten dat we morgen om 13:30 de helicoptervlucht nemen van $100 de man. Lijkt me gaaf, dan kan ik geheel in stijl met de halfstokvlaggen opeens de stuurknuppel overnemen en me storten op het vrijheidsbeeld, dat hier ergens in de buurt staat.

472 mijl (1269 totaal)

Zaterdag 15 september

Koffie. Wakker worden. Opstaan en douchen, dan hup naar de Canyon. We hebben geen idee wat ons te wachten staat. Door de poort, langs het commerciële dorp Tusayan. We parkeren bij het stationnetje, waar een stoomloc je voor slecht $100 rondrijdt. Verder is alles best nog goedkoop, op de vrij dure dollar na.

We gaan lopen langs de rand, want dat klimmen zien we niet zo zitten, het is best warm. Een prachtige route voert ons in een paar mijl langs de westkant (Rim Trail), met regelmatig uitzichtpunten. Tot aan Hopi Point hebben we weer veel foto's gemaakt, we bleven gapen. Over gapen gesproken, het is niet zo gek dat je hier steeds bekaf bent, de lucht is inderdaad zo ijl dat de eieren na 6 minuten nog helemaal slap zijn (okee toch maar wat uitleg: omdat het water door de lage luchtdruk al ruim onder de 100° kookt en dus te lauw is).

We gaan met de bus terug, een saaie vrouw vertelt wat er allemaal te doen is in het "centrum". Er is trouwens een eigen radiostation, het enige dat hier is te ontvangen. We gaan even de Bright Angel (want verderop in Monument Valley is een Dark Devil) Lodge in, een soort bezoekerscentrum. We kunnen er voor $5 20 minuten internetten via SurfNet. We hebben die 20 minuten ook nodig want de mousepad denkt steeds dat je erop klikt en daar kreeg Stefan geen genoeg van. Kees mocht ook 3 minuten en dat werd dan het gastenboek van de Mezen invullen. Klik op Versturen. BLOCKED. ERROR. Leuk dat SurfNet. Dan maar geen gastenboek.

We moeten nu haasten om op tijd bij de heli te zijn (Stefan zegt steeds maar "strakke planning", dat betekent gas intrappen, Kees) maar oppassen want de Rangers bekeuren iedereen met dubbele tarieven. Geen tik te snel of je bent het haasje. Gelukkig gingen we toch stiekem lekker hard en we waren precies rond enen op het vliegveld. Strakke pl...

We kregen een uitleg over wat we wel en niet moesten in de heli. Om 13:30 konden we de heli in na een gratis foto te hebben gemaakt met de piloot die daar voor de 15263e keer vrolijk zwaaide. We kregen de voor ons inmiddels bekende Bose koptelefoons (die hebben een microfoon op elke oorschelp, die het omgevingsgeluid opneemt, zodat dit als anti-geluid weer in de oorschelp terugkomt waardoor het lekker stil is en je toch de piloot goed hoort). 

Fantasties!!! Ondanks een enorm dikke vent (Jaap kan er twee keer in) komen we toch los en het is maar goed dat Stefan niet veel gegeten heeft. Machtig gezicht en we schieten film na foto na film. Je raast in de heli over de boomkruinen en opeens is er niets meer onder je... de Canyon! Misschien ken je het IMAX 3D effect, nou dit was dan echt. We gaan de hele Canyon door en kijken elkaar verrukt aan. Wat een pret.

Voor we het weten (de kotszakkies zijn nog leeg) komen we terug na wat enge bochten en landen we weer op "Grand Canyon Airport". De foto is al klaar. We zijn nog wat wiebelig en Steef kijkt nog een beetje draaierig. Oplossing: flink Maccen want die is vlakbij. Hehe, klinkt het bekend. Stefan is weer helemaal het mannetje.

We gaan door langs de andere kant, de Desert View route. Nu met de auto, want het is te ver om te lopen. Halverwege stoppen we voor een uitzichtpunt (Moran Point). Een Amerikaans echtpaar (zij in rolstoel) vertelt honderduit (kenmerkend Amerikaans) over de oorlog, de Tuesday Attack Terror en Amsterdam (oh we love tulips). Met nog wat Nederlanders hebben we onze kennis uitgewisseld over de plane crashes. Erg leuk om even lekker te babbelen. Onderweg nog even de ruïne van een Indiaanse nederzetting bekeken, maar da's niet echt spannend.

Aan het einde is dan het eigenlijke Desert View, met een hout/stenen uitkijktoren, waar we even in zijn geweest. Naar de beste inzichten gebouwd zoals de indianen dat vroeger ook hebben gedaan (op basis van gevonden ruïnes). We schieten nu nog meer foto's. We rekenen gauw uit dat we makkelijk boven de 1000 komen. We gaan terug en vinden de Canyon nog wel mooi (oh, dit is ook wel cool) maar stoppen niet meer. We gaan terug naar Williams om te kijken voor boodschappen (nou ja, alleen het bier is op) en om te kijken waar de benzine het goedkoopst is (over Dutch gesproken).

We zijn de Canyon nog niet uit of we stoppen voor een man met een stok, rugzak en grote slaapbaal. Hij mag mee. Hij blijkt 54 jaar oud te zijn, een ouwe taaie, heeft 50 staten bereisd in 30 jaar (I'm tired of it). Hij kakelt ook honderduit (my friend changed when he met this girl, like Jeckyll and Hyde, you know). Hij doet los dagwerk, en zoekt een plaats om een girl te vinden en te settelen. In Williams droppen we hem en besluiten alleen maar te gaan tanken (o jee cash is $0.12 goedkoper, dan maar een beetje tanken want we hebben nog maar één flap van 20). Terug op de camping gaat Steef weer lekker bakroeren en voor ik het weet heb ik een berg fajita op mijn bord met sla en heerlijke dressing. Oh oh, wat is die dressing lekker. De kabouters gaan de afwas opruimen en Kees neemt nog een Bud (Budweiser bier).

186 mijl (1455 totaal)

Zondag 16 september

's Ochtends eerst naar Flagstaff om te winkelen. Voor de rest van de week eten ingeslagen. Amerikaanse supermarkten zijn groot en er is erg veel keus. Er is niet alleen een ruime keuze in verse groente en fruit, maar hier in het binnenland van Arizona is ook verse vis te krijgen. Dus vanavond eten we zalm. Daarna de highway op richting Monument Valley. Voordat we daar zijn komen we door wat nederzettingen van indianen, met caravans ("trailers") en krotten met golfplaten daken. Ze staan ook overal langs de weg met stalletjes indiaanse "arts & crafts" te verkopen. Veel van die stalletjes staan er verlaten bij, waarschijnlijk omdat het hoogseizoen al voorbij is.

Als we eenmaal door Monument Valley rijden komt het ons bekend voor, dat komt omdat dit gebied vaak wordt gebruikt als decor voor films. De rotsformaties zien er indrukwekkend uit, maar omdat een paar uur door elkaar geschud worden in een jeep om een en ander van wat dichterbij te bekijken toch niet zo aanlokkelijk lijkt, besluiten we om door te rijden naar Moab. De grens tussen Arizona en Utah loopt door Monument Valley, dus we rijden de derde staat van deze vakantie binnen (als we de tussenlanding op Washington Dulles niet meetellen). In Utah rijden we door een bizar maanlandschap, met rood als overheersende kleur. Het is net of je op een planeet geland bent. Behalve de weg is er weinig teken van menselijke invloeden te zien. 

Bij het dorpje Mexican Hat bekijken we een rotsformatie die inderdaad lijkt op een balancerende Mexicaanse hoed. Verder naar het noorden wordt het landschap weer 'normaal'. Naarmate we meer in de buurt van Moab komen, verandert het landschap weer en komen de zandstenen formaties in zicht waar we naar onderweg zijn. We bekijken vanuit de rijdende auto onze eerste "arch". Het is al bijna donker als we in Moab zijn. We vinden een camping omgeven door rotsformaties. Stefan maakt zalm met roerbakgroenten en we gaan vroeg slapen.

369 mijl (1824 totaal)

 

Maandag 17 september

Steef doet de boiler aan en wacht in bed op warm water. Dan zet hij koffie en gaat douchen. Kees gaat na de koffie uit bed (lijkt me redelijk) en gaat in het washok douchen en bellen. Alex vertelt over Pakistan en Afghanistan. Lekkere boel daar. We hebben meer ruimte op de laptop nodig en Alex zegt dat alles eraf mag om ruimte voor de foto's te maken.

Stefan vult water bij (hij is inmiddels de hookup-guy, bij het tanken het gas uit en de waakvlammen doven). Daarna belt hij ook nog even met Nederland (Floris).

Daarna rijden we naar Arches National Park. Hier bewonderen we eerst het uitzicht vanaf diverse viewpoints. De roodgekleurde geërodeerde rotspartijen staan erg mooi op de foto, vooral met zo'n diepblauwe lucht erachter met hier en daar een pluizig wolkje. Voor de arches zelf moeten we een stukje "hiken" vanaf de parkeerplaatsen, al kun je die kleine stukjes nauwelijks een hike noemen. Die Amerikanen noemen elke wandeling buiten de stad blijkbaar een hike. De delicate arch (die op het nummerbord van auto's uit Utah staat) bekijken we vanaf afstand, omdat we geen zin hebben om er helemaal heen te hiken. Na een stuk of vijf bogen houden we het voor gezien. 

Hier en daaar een dorpje, Hanskville, dat soort namen. We gaan tanken, lekker goedkoop. Het blijkt dat er NO POWER was, dus alle tankstations waren dicht. Wij hoefden niet zo nodig ( half vol) dus weer verder. We gaan rijden richting Capitol Reef. Dat zou lijken op het Capitool, en het is Reef genoemd omdat de settlers er destijds niet door konden. We gaan door een typisch Utah-landschap, soms grijs, maanachtig, dan weer bruin of rood. Er staat en stroomt ook overal water. Die stroompjes worden "wash" of "creek" genoemd. We stoppen soms om Stefan even kind te laten zijn bij een stroompje (ik mag de hele dag).

Er is een camping Capitol Reef National Park, Fruita, genoemd naar de fruitbomen. We gaan het weggetje in. Stefan vraagt of er nog plaatsen vrij zijn aan een Neanderthaler met een pens. Hij schijnt een IQ te hebben, vergelijkbaar met dat van een verse citroen. De man praat niet, hij bromt, hij geeft geen antwoord maar gaat vaag kijken (daar oefent hij vaak in). Stefan kan hier prima mee overweg, maar gaat toch maar de zoon raadplegen. Er zijn nog 4 plaatsen vrij, na ons komen nog heel wat wagens, dus da's mazzel voor ons.

De BBQ gaat aan; we eten beef Teri-Yaki. We hebben nu wel goede kolen, dus de Jezuskaars blijft in de kast. Het smaakt prima, de Aubergine is een beetje aan de gezouten kant. Stokbrood blijkt stok maar is nog lekker. 

We hebben geen stroom en de camera is leeg. Steef ziet een stopcontact in de heren-WC. Daar alles aangesloten en een voor een komen er mensen binnen. Ze kijken belangstellend. Een mannetje uit de bergen vraagt hoe het werkt en is onder de indruk. Ik maak een foto van hem, die even later in beeld komt. "Hey, who is this guy? That's you. Hey great! Did you make a picture of me?" Nee, deze zit er standaard in. From the mountains, huh?

We zitten nog even buiten bij de BBQ en halen de spullen binnen. Lekker slapen, het is weer de vraag of het weer zo koud is. Steeds lijkt het warm 's avonds, maar 's nachts is het toch zo koud dat je een extra deken moet hebben.

176 mijl (2000 totaal)

Dinsdag 18 september

Geen hookup, dus geen douche (water bijna op) en geen elektrische koffie... dan maar koffie op LPG. Smaakt helemaal dik, want Stefan zet koffie a la "Jochem". Pikbruin.

We gaan op pad richting Bryce Canyon. De route voert door Dixy Forest en Grand Staircase Escalante National Monument. Dat laatste gebied heet zo omdat het Colorado plateau omhoog is gekomen en vervolgens gescheurd, waardoor de verschillende lagen als traptreden zichtbaar worden. Daarom zie je steeds dezelfde volgorde van kleuren (bovenaan roze en daaronder grijs) in de rotsen. Er staan hier ook veel berken, die al schitterende herfstkleuren beginnen te vertonen. Hier en daar zien we koeien langs de weg, ook heel toepasselijk in Calf Creek.

Rond lunchtijd zien we Bryce. Het park kondigt zich al aan door de typische "kerkorgel" patronen. De bedoeling is dat we door het park naar het einde rijden en daar omkeren en stuk voor stuk de "views" gaan doen. De eerste uitkijk is al schitterend, er rijzen perzikkleurige schaakstukken, ja dat zijn het, omhoog uit de diepte. Die schaakstukken worden trouwens hoodoos genoemd. Een stukte verderop is het wat witter en soms weer wat donkerder rood. Maar de kleuren, perzik, roze, bruin, groen en de onberispelijke blauwe lucht met steevast wat witte schaapjeswolken, zijn fantasties. Dit is meer dan Disney.

We zien nog wat uitkijkjes en nemen een flinke hike naar beneden, helemaal waar de "Bryces" beginnen. Het pad zigzagt al snel steil naar beneden. Dit valt niet te beschrijven, bekijk de foto's, zo iets moois heb ik echt nog nooit gezien. Sprookjesachtig! We zigzaggen snel naar beneden door poortjes in de roze rotsen en lachen met Duitsers (ja dat kan), Amerikanen, en Israëliërs. Dit is Koren op de Kodakmolen.

Het is nog niet donker, dus we besluiten door te rijden richting Zion. Vlak voor de afslag naar Zion zien we een KOA, waar we de camper neerzetten. Pas als we er staan zien we dat we zelfs uitzicht hebben op Bryce-achtige formaties. Terwijl Stefan fajita's maakt, steekt Kees het kampvuur aan. Dat is maar goed ook, want een half uurtje later is het pikdonker en koud.

210 mijl (2210 mijl totaal)



Woensdag 19 september

Het was vannacht weer net zo koud als in Yosemite. Ter illustratie: ik werd wakker omdat de verwarming aansloeg (oh wat primitief), die we uit hadden gezet door hem op 50F (10° C) te zetten!
Koffie, want opstaan. Kees mag uitslapen! Lekker lang douchen en Steef bakt een eitje. Wat grote eenden komen het gras om de camper opsukken. De resten van het vuur bij elkaar geharkt voor de volgende kampeerder. Ik bel even met Ruud om effe te babbelen. Steef belt ook nog. Het kost geen drol om het zo te zeggen. De ansichtkaarten worden hier ingevuld. Ook nog even met United gebeld: ondanks alle ellende gaat onze vlucht gewoon door als gepland. We moeten wel 3 uur van tevoren inchecken.

We gaan door. Het gebergte door en af en toe door een dorp. Even tanken, postzegels kopen en de kaarten posten. Af en toe een belachelijke nederzetting a la Fort Knox, indianendorp en overal Mac en Burger King. We zijn bijna in het Zion park.

Zion! De bergen komen ons tegemoet. We hebben de kaart voor alle parken (haha lekker goedkoop) maar moeten toch 10 bucks bijbetalen omdat we te hoog zijn en de tunnel dan maar in één richting wordt gebruikt. Wel onzin, want er wordt niets gemeten en iedereen staat gewoon in de eenrichtingrij. Maar, goed het zal wel.

Na de tunnel parkeren we in het Visitors Center. Daar nemen we water mee en gaan met de shuttlebus op pad. Af en toe eruit, even rondkijken. Kees is wat suf, want hij heeft gegeten en nog niet gebadderd in koud water. Verderop is de Weeping Rock, een huilende berg. Er sijpelt water langs, erg mooi om te zien en erg verkoelend. We nemen foto's en nadat Kees even in het koude stroompje had gezeten gaan we verder.

We nemen de Riverside Walk, een wandeling van een uur of anderhalf (heen en terug). Erg leuk, lekker fris. Er zijn langs een wand enkele klimmers al een dag of twee aan het klimmen tegen een steile wand. Je kon ze niet eens zien en we stonden er toch bijna onder. In de bus terug spraken we drie Texanen, een runner (met buikje), een hiker (type shag en bier) en een biker. Alledrie op de Harley, het kostte een dag om Texas uit te komen. We vertellen over Amsterdam en natuurlijk krijgt Stefan te horen dat zijn Amerikaanse Engels perfect is. Da's dan de zoveelste keer deze week.

Nog even buiten de camper zitten en dan gaan we. De bergen door. Het wordt later en de zon daalt, maar verliest niets aan sterkte. De zon schijnt nu telkens voor en rechts ons zo fel in de ogen dat we er hoofdpijn van krijgen. We besluiten te stoppen voor een maaltijd en dan in het donker door te rijden. Rechts de weg af en bij een bekende getelde-bladeren-dorp gaan we voor de tigste keer (mij hoor je niet) fajita's eten. Het is buiten moordend heet. De motor blijft lopen voor de airco vanuit het dashboard (lekker stil en doet het goed, bovendien werkte de andere alleen op het net). Alles op, toetje op het dashboard en rijden maar weer.

We gaan een stukje terug in Arizona, we verwachten eigenlijk Nevada. Nee wacht, er is inderdaad een piepklein hoekje Arizona te gaan. Lekker belangrijk. Je merkt hier niks van staten, die zijn met een liniaal bepaald. Colorado is er een in de vorm van een spannende rechthoek.

We gaan door de bergen, er is flink wat nodig geweest om deze weg te maken, het gebergte is best vers, hoewel hier en daar verzakt, te zien aan de richting van de strepen. Hee er lopen drie geiten met horens langs de snelweg... vroem... geit eet rustig door.

Het wordt donker en een prachtige lucht siert de zonsondergang. Blauw boven met een wassend maantje (eerste kwartier), dan oranjegeel dat door de bergrand zwart wordt afgetekend. We zien een flauw schijnsel waar de zon ongeveer onder gaat.

Het is nu flink donker, er is werk langs de weg. Het asfalt is zo ongelijk op de twee rijstroken dat ik slingerend Stefan de stuipen in de sokken jaag. Mezelf ook maar ik ben natuurlijk cool. Een of andere die-hard wil voor me invoegen maar met veel getoeter en geduw gaat hij toch maar terug. Zo lomp heb ik hier nog niemand gezien. Dus ik dan maarlomp terugdoen.

Het schijnsel in de verte is verplaatst naar rechts maar links doemt een ander schijnsel op. Zou dat Vegas zijn? Het "schijnt" dat de stad inderdaad achterlijk veel licht geeft... We zien een schijnwerper zoals in Amsterdam ook gebruikt wordt bij het Rembrandtplein geloof ik. Nog een paar heuvels en jeeeeeeee wat een lichtjes. Vanuit middenin de woestijn zie je tienduizendpikmiljard lampies schitteren, een soort vrijheidsbeeld of Eiffeltoren en overal lichtpuntjes. Dat belooft wat hier.

De KOA (camping) is snel gevonden en we liggen binnen 15 minuten in het zwembad. 6 voet diep. De airco loopt in de camper. Als we terugkomen is het binnen koel maar dat airco-ding maakt zo'n herrie dat we moeten schipperen. Even foto's kijken en typen.

206 mijl (2416 mijl totaal)

Donderdag 20 september

Afgelopen nacht was de enige nacht dat we alleen onder een laken hebben geslapen. Hier blijft het ook 's nachts warm. 's Ochtends eerst even douchen en daarna Kees wakker maken met koffie. Alles inpakken en de camper opruimen, want zometeen moeten we hem inleveren.

Gelukkig is het El Monte verhuurstation makkelijk te vinden. Het inleveren van de camper gaat erg makkelijk, vooral omdat wij hem netjes opgeruimd inleveren. Een stel Duitsers en een stel Nederlanders die er ook waren, moesten hem ter plekke nog gaan schoonmaken. Na een uur op het shuttlebusje gewacht te hebben, werden we naar ons hotel gebracht. Onderweg spraken we met het Nederlandse stel, die met een veel grotere camper naar Yellowstone en de Rocky Mountains waren geweest. Zij waren al vaker met een RV op vakantie geweest en waren op de koude nachten voorbereid (in Yellowstone nog veel kouder dan wat wij hadden meegemaakt), en hadden hun eigen donzen dekbedden mee!

Aangekomen in het hotel (Circus Circus) inchecken en naar onze kamer. Het hotel is belachelijk groot. Er is zelfs een overdekt pretpark aangebouwd! De kamer vinden viel nog wel mee, maar de uitgang aan de Strip konden we niet vinden. Dus maar aan de achterkant (of eigenlijk onderkant, want de taxistandplaats is onder het hotel) naar buiten en vanaf daar op zoek naar de Strip. Later bleek dat je een heel stuk door het casino moet lopen om naar buiten te komen. 

We hadden honger, maar het buffet in het hotel was dicht voor de lunch. Dan maar naar Riviera aan de overkant, want volgens een foldertje dat ik bij El Monte uit het rek had gepakt, was daar ook een goed(koop) buffet. Het kostte wel enige moeite om het buffet te vinden. Het goedkope eten is er natuurlijk alleen om mensen het casino in te lokken, dus de ingewikkelde route naar het buffet waarbij je altijd een paar keer fout loopt, voert je langs zo ongeveer alle gokautomaten in het hotel. We betalen 8.99 per persoon exclusief tax voor het all-you-can-eat buffet en de cassiere zegt nog "Load them plates". Het eten is redelijk en er is behoorlijk wat keus, varierend van Italiaans tot BBQ. Ook is er veel gebak. Het publiek bestaat naast vette Amerikanen uit Japanners?! Drankjes mag je hier niet zelf pakken, dat wordt door een Latino gebracht die je dan een dollar geeft voor de moeite. Tien jaar geleden kreeg je in Las Vegas erg goed eten voor weinig geld, maar omdat dat toch niet genoeg opbracht zijn ze de prijzen gaan verhogen (de betere buffetten kosten zeker $15) of de kwaliteit gaan verlagen.

Met (over)gevulde magen gaan we maar eens het casino in. Buiten is het immers veel te warm om een stap te verzetten. Casino's bestaan in Las Vegas vooral uit rinkelende gokautomaten (slot machines). Er is maar weinig roulette, black jack, etc. Er zijn al automaten voor nickels ($0.05), dus arm hoef je er niet meteen van te worden. We proberen hier en daar eens wat automaten uit en winnen zo af en toe eens 10x onze inzet, maar na een uurtje hebben we toch wel iets van $6 vergokt. De gokautomaten hebben we wel gezien en buiten is het nog steeds niet lekker, dus besluiten we naar het zwembad van het hotel te gaan. Ook dit blijkt erg moeilijk te vinden. Vanaf onze hotelkamer op de 6de verdieping moeten we eerst naar de lobby op de 1ste, dan met een trap naar de 2e verdieping, en dan een stuk lopen. Dan nemen we lift naar de 3de verdieping. We lopen een gang uit, en aan het eind van die gang neem je de lift weer naar de begane grond, waar het zwembad is... Het water frist lekker op. Als we eruit komen, raken we aan de praat met een echtpaar uit Almere dat vlak voor 11 september in New York is geweest. We besluiten nu wel in het hotel te gaan eten, want we hebben toch niet meer zoveel honger dus dan kunnen we beter naar het goedkoopste buffet in Las Vegas gaan, en dat is toevallig in ons hotel. Er staat echter zo'n rij dat we besluiten om toch maar naar de Food Court te gaan, die we bij eerdere omzwervingen in het hotel hadden gezien. Na het hele hotel doorgelopen te hebben (en dat duurt wel even!) beseften we dat die food court bij Riviera was. Intussen was de rij bij het buffet weg, dus toch maar naar het buffet. Het was zoals te verwachten minder goed dan bij Riviera (ook goedkoper, $7.99), en Amerikaanser.

Vervolgens naar buiten, want dat is 's avonds wel een spektakel met al die lichtjes. Wat een kermis! Er is niet alleen een Eiffeltoren en een Statue of Liberty, maar ook een replica van Venetie. De slag tussen twee piratenschepen wordt niet opgevoerd vanwege 11 september. Halverwege de Strip hebben we het wel gezien en keren we terug naar het hotel. Er zit een of andere irritante zoem (60 Hz trafo?) in de muur, maar we vallen toch in slaap nadat we de wekker hebben gezet voor 6:30.

26 mijl (2442 totaal)

 

Vrijdag 21 september

We moesten vroeg op, want vanwege extra veiligheidsmaatregelen moeten we 3 uur van tevoren op het vliegveld zijn. Gelukkig is het maar een kwartiertje met de taxi vanaf het hotel, zodat we keurig op tijd om 7:30 er zijn. Er staat een flinke rij voor de incheckbalie, maar het gaat redelijk vlot en na een half uurtje zijn we aan de beurt. Hoewel we onze vlucht op woensdag nog hadden geconfirmed, blijkt onze vlucht van Las Vegas naar Chicago te zijn gecancelled. "Ze" hebben ons omgeboekt naar een vlucht van Las Vegas naar Londen, waarbij we nog op de wachtlijst staan voor de vlucht door naar Amsterdam. Dat lijkt ons niet zo fijn, maar gelukkig bedenkt de dame achter de balie dat we de vlucht van 9:00 naar Denver nog kunnen halen, waardoor we vervolgens met een vlucht naar Chicago op tijd daar kunnen zijn voor onze oorspronkelijke vlucht naar Amsterdam. We hebben in Denver en Chicago maar een uurtje tussen de vluchten, dus die tijd verstrijkt gauw. 

Zaterdag 22 september

Elk idee van tijd is ons vreemd.

Alle vluchten vertrekken keurig op tijd, dus we komen zaterdagochtend 7:45 zonder vertraging aan in Amsterdam. Onderweg nog naar de film Chocolat gekeken en ons verder vooral verveeld, want we zaten helemaal klem in het midden van de economy class dus weinig ruimte om te slapen. Op Schiphol bleek dat onze koffers keurig mee waren gekomen. We namen de trein naar CS en tenslotte de taxi naar huis.

Hoe zou het huis in Wormer zijn? Heeft Floris de planten water gegeven en braaf de wijn opgedronken? Staat het ABN-Amro gebouw er nog?